Definitief voorstel aanpassing belastingstelsel waterschappen

8 oktober 2020

Op 6 oktober is de Stuurgroep Aanpassing Belastingstelsel onder leiding van voorzitter Menno Snel gekomen tot een definitief voorstel voor aanpassing van het belastingstelsel van de waterschappen.

Het definitieve voorstel gaat nu in beraad bij de waterschapsbesturen. Op 11 december wordt erover besloten in de ledenvergadering van de Unie van Waterschappen.

De waterschappen zorgen voor veilige dijken, niet te veel en niet te weinig water, schoon oppervlaktewater en het zuiveren van rioolwater. Om deze taken uit te kunnen voeren, heffen zij belasting. In het huidige belastingstelsel zitten knelpunten die om een oplossing vragen.

De stuurgroep, bestaande uit bestuurders van alle 21 waterschappen, heeft nagedacht over hoe deze knelpunten kunnen worden opgelost en doet hier voorstellen voor. De leden van de stuurgroepleden hebben tijdens het proces collectief eigenaarschap getoond om samen tot een oplossing te komen. Er is gedurende het traject veel aandacht besteed aan het betrekken van de waterschapsbesturen en stakeholders.

Solidariteit

Rogier van der Sande, voorzitter van de Unie van Waterschappen: “Het financiële fundament van een eigen belastingstelsel van de waterschappen is de beste garantie voor waterveiligheid en voldoende en schoon zoet oppervlaktewater. Als sommige waterschappen niet meer uit de voeten kunnen met dit belastingstelsel dan is dat een probleem van alle waterschappen.”

“Dat de stuurgroep nu gekomen is tot een definitief voorstel vanuit de collectieve solidariteit stemt mij hoopvol. Alle betrokkenen hebben een enorme inzet getoond en het gedeelde belang om te komen tot gezamenlijke en gedragen voorstellen heeft steeds voorop gestaan. Menno Snel heeft hier als onafhankelijk voorzitter een belangrijke en goede rol in gespeeld.”

Voorstellen watersysteemheffing

De watersysteemheffing zorgt voor de middelen voor waterveiligheid, voldoende en schoon oppervlaktewater. Het belangrijkste knelpunt bij deze heffing is de onredelijke invloed die de hoge waarde van wegen en spoorwegen op de tarieven van de eigenaren van onbebouwde grond heeft. Bij het huidige model van het belastingstelsel worden de kosten voor een belangrijk deel verdeeld op basis van waarde: de waarde van grond, gebouwen, et cetera.

De stuurgroep komt nu met een model waarin de kosten op basis van de inrichting van het gebied worden verdeeld. Het model geeft de algemeen besturen daarbij, veel meer dan nu het geval is, de ruimte om bij het verdelen van de kosten rekening te houden met andere, specifieke omstandigheden in het gebied en met de taakuitoefening. Ook komt de stuurgroep met een voorstel dat het voor waterschappen mogelijk maakt om tot een gelijkmatige lastenontwikkeling te komen voor woningen en andere gebouwen. Het voorstel heeft tot gevolg dat de waterschappen een vergelijkbare mogelijkheid krijgen als de gemeenten nu al hebben binnen de Onroerende Zaak Belasting.

Voorstel zuiverings- en verontreinigingsheffing

De zuiveringsheffing dekt de kosten van de rioolwaterzuivering. Waterschappen moeten bij het bepalen van de hoogte van de belasting op het lozen van afvalwater door grote bedrijven nu gebruik maken van een analysemethode met mens- en milieubelastende stoffen. Dat willen de waterschappen niet meer en daarom heeft de stuurgroep een andere meetmethode ontwikkeld zonder gebruik van mens- en milieubelastende stoffen.

Vervolg

De waterschapsbesturen zullen het voorstel van de stuurgroep bespreken om hierover in de ledenvergadering op 11 december definitief te besluiten. Het resultaat wordt aangeboden aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat. Het belastingstelsel van de waterschappen kan namelijk alleen worden aangepast door middel van een wetswijzigingstraject onder leiding van de minister.

Parallel traject

Parallel aan de opdracht van de stuurgroep onderzoekt het bestuur van de Unie van Waterschappen de mogelijkheden om belastingwijzigingen in de toekomst eenvoudiger te maken. Doel is om sneller aan te kunnen sluiten bij de steeds veranderende omstandigheden. In dit traject komt ook een aantal inhoudelijke onderwerpen aan bod dat niet in het eerste voorstel voor de urgente knelpunten kon worden meegenomen. In dit traject zoekt de Unie de samenwerking met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Bekijk het volledige voorstel

Deel dit via:
FacebookTwitterLinkedIn