Kamer steunt wetsvoorstel versterking decentrale rekenkamers

27 mei 2022

Tijdens een debat met minister Bruins Slot van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op 25 mei spraken vrijwel alle fracties hun steun uit voor het Wetsvoorstel versterking decentrale rekenkamers. Op grond van het debat verwacht de Unie van Waterschappen dat de Kamer op 31 mei akkoord gaat met het wetsvoorstel.

Als daarna ook de Eerste Kamer met het wetsvoorstel instemt, worden waterschappen en gemeenten verplicht tot het instellen van onafhankelijke, volledig extern samengestelde rekenkamers.

Unie pleit voor ruimte voor algemeen bestuur bij inrichting rekenkamer

De waterschappen zijn voorstander van een model waarin het algemeen bestuur de mogelijkheid heeft om de rekenkamer naar eigen behoefte in te richten. Dat had de Unie voorafgaand aan het debat samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, de Vereniging van gemeenteraadsleden en de Vereniging van gemeentegriffiers bij de Tweede Kamer ingebracht. Het CDA had al eerder een amendement met deze strekking bij de Tweede Kamer ingediend.

Weinig steun in de Kamer

Tijdens het debat bleek er echter weinig steun te zijn voor dit amendement. Alle aanwezige partijen behalve het CDA hielden vast aan het verplicht instellen van een onafhankelijke, volledig extern samengestelde rekenkamer. Naar hun oordeel wordt juist daarmee een impuls gegeven aan meer onafhankelijke controle op de doeltreffendheid, doelmatigheid en rechtmatigheid van de uitgaven.

Minister overlegt met Unie over invoeringsdatum voor waterschappen

De Unie pleit er ook voor om 1 januari 2024 als datum te kiezen waarop de waterschappen een rekenkamer moeten hebben. In maart 2023 zijn er immers waterschapsverkiezingen. Als de verplichting voor de waterschappen op 1 januari 2024 gaat gelden, kan het nieuwe algemeen bestuur zich uitspreken over de samenstelling van de rekenkamer die haar gaat ondersteunen. Minister Bruins Slot zegde tijdens het debat toe dat zij in overleg met de Unie treedt over een voor de waterschappen passende invoeringsdatum.

Ondersteuning bij de invoering en voldoende budget voor de rekenkamer

De Tweede Kamer heeft de minister gevraagd veel aandacht te besteden aan goede ondersteuning van de waterschappen en gemeentes bij de implementatie van de wet. Ook zeiden vrijwel alle fracties dat er voldoende budget voor de rekenkamer moet zijn om het werk goed te kunnen doen. De minister zegde toe te onderzoeken wat een reëel jaarlijks budget is voor een rekenkamer in samenhang met de grootte van een organisatie. In het geval van de waterschappen bepaalt het algemeen bestuur de hoogte van het budget. Maar de minister stelt hiervoor naar verwachting een kader op. Een ander punt dat veel werd genoemd was de opvolging van de adviezen die de rekenkamer aan de gemeenteraad of het algemeen bestuur geeft.

Rechtmatigheidsverantwoording

Het wetsvoorstel kent naast de rekenkamers nog een tweede onderdeel. Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, is er voortaan sprake van een rechtmatigheidsverantwoording. Dat betekent dat de dagelijkse besturen van de waterschappen zelf een verklaring afleggen over de vraag of de in de jaarrekening opgenomen financiële feiten in overeenstemming met de daarvoor geldende regelgeving tot stand zijn gekomen. Tot dat moment is het aan de accountant om deze verklaring bij de jaarrekening te geven.

Eerste Kamer

Tijdens het debat in de Tweede Kamer is dit onderdeel van het wetsvoorstel niet aan de orde geweest. Maar als de Tweede Kamer met het wetsvoorstel instemt, geldt ook voor dit punt dat het aan de Eerste Kamer is om zich daar definitief over uit te spreken. De Unie heeft al in 2020 aangegeven dat de waterschappen dit instrument onderschrijven. De waterschappen willen wel voldoende voorbereidingstijd om het instrument in te voeren. Als ingangsdatum hebben zij het verslagjaar 2025 genoemd.

> Lees de inbreng