Bestuurlijke organisatie

Om het werk van de waterschappen in goede banen te leiden, speelt de bestuurlijke organisatie een belangrijke rol. Hoe zitten de waterschappen bestuurlijk in elkaar? En hoe de Unie van Waterschappen?

Hoe zijn de waterschappen bestuurlijk ingericht?

De waterschappen zijn de oudste democratische instellingen van Nederland en bestaan al sinds de 13e eeuw. Veilige dijken en schoon water zijn zo belangrijk dat de verantwoordelijkheid bij een zelfstandig bestuur ligt.

De waterschappen zijn zogenaamde functionele besturen. Volgens de Grondwet kent Nederland 3 bestuurslagen: het Rijk, provincies en gemeenten. Dit zijn besturen die over allerlei algemene zaken binnen hun gebied gaan. Omdat de waterschappen alleen specifieke taken uitoefenen bij het waterbeheer, worden ze beschouwd als functionele besturen. Toch wijken ze af van andere functionele besturen, zoals de politie. Daarom staan ze apart vermeld in de Grondwet.

Het bestuur van een waterschap bepaalt wat er gebeurt met het water in de regio. Ieder waterschap heeft zowel een algemeen bestuur als een dagelijks bestuur. De dijkgraaf of watergraaf is de voorzitter van het waterschap. Hij of zij maakt deel uit van het dagelijks bestuur.

Algemeen bestuur

Als hoogste, democratisch gekozen orgaan stelt het algemeen bestuur het beleid en de regels met betrekking tot de taken van het waterschap vast. Dit bestuur bepaalt de hoogte van de waterschapsbelasting. En waar dat geld aan wordt besteed. Ook controleren zij of het dagelijks bestuur het beleid goed uitvoert.

De meeste bestuursleden vertegenwoordigen het algemeen belang. Een kleiner deel van de bestuursleden vertegenwoordigt specifieke belangen. De leden die algemene belangen vertegenwoordigen worden om de 4 jaar gekozen via de waterschapsverkiezingen. De bestuursleden die specifieke belangen vertegenwoordigen worden benoemd door de belangenorganisaties van natuurbeheerders, boeren en bedrijven. Dat worden geborgde zetels genoemd. Het aantal bestuursleden hangt af van de grootte van het waterschap en wordt bepaald door de provincie.

Dagelijks bestuur

Het dagelijks bestuur zorgt ervoor dat de plannen van het algemeen bestuur worden uitgevoerd. Het dagelijks bestuur bestaat uit de dijkgraaf en ongeveer 5 bestuursleden, die worden gekozen uit het algemeen bestuur.

Dijkgraaf of watergraaf

De dijkgraaf is de voorzitter van het waterschap, vergelijkbaar met de rol van een burgemeester bij een gemeente. Bij sommige waterschappen heet dit een watergraaf (als er geen primaire dijken in het waterschapsgebied liggen). De dijkgraaf wordt benoemd door de regering voor een periode van 6 jaar. De dijkgraaf heeft geen stemrecht in het algemeen bestuur en mag dus niet meebeslissen over het beleid van het waterschap. In het dagelijks bestuur heeft hij of zij wel stemrecht.

Wat doet de Unie van Waterschappen?

Klimaatverandering, politieke verschuivingen en nieuwe technologieën zorgen ervoor dat de waterschappen flexibel moeten zijn en moeten anticiperen op nieuwe situaties. Als vereniging van alle 21 waterschappen in Nederland ontwikkelt de Unie visie, structuur en werkwijzen om samen te werken aan droge voeten, schoon water en voldoende water. De Unie heeft hiervoor een bestuurlijke organisatie ingericht. Die bestaat uit de ledenvergadering, het bestuur en een aantal commissies en werkgroepen.

De Unie richt zich op de volgende taken:

  • Vertegenwoordigen van de waterschappen in het nationaal en internationaal speelveld;
  • Fungeren als spreekbuis van de waterschappen;
  • Lobbyen voor en belangen behartigen van de waterschappen bij, o.a. de Tweede Kamer, de verschillende ministeries en bij de Europese instellingen in Brussel;
  • Stimuleren van kennisuitwisseling en bieden van een platform voor samenwerking.

Ledenvergadering

Het hoogste orgaan van de Unie van Waterschappen is de algemene ledenvergadering. Ieder waterschap is vertegenwoordigd in de ledenvergadering en bepaalt voor zich wie het waterschap formeel vertegenwoordigt. De ledenvergadering vergadert 4 keer per jaar. Daarbij gaat het onder andere over het vaststellen van de begroting voor de Unie en worden visies opgesteld voor langjarige onderwerpen.

Bestuur

De ledenvergadering benoemt de leden van het bestuur van de Unie. Het Uniebestuur vormt het dagelijks bestuur van de vereniging, de ledenvergadering vormt het algemeen bestuur. Het dagelijks bestuur vergadert 8 keer per jaar en telt 6 leden. De leden van het bestuur worden benoemd voor een periode van 3 jaar, met de mogelijkheid tot eenmalige herbenoeming.

Elk bestuurslid heeft een eigen portefeuille met onderwerpen en is voorzitter van 1 of meer commissies. Het Uniebestuur stelt een bestuursprogramma op voor de periode van hun bestuur. Hierin staat de visie van de bestuurders voor de vereniging. Het Uniebestuur staat in nauw contact met de waterschappen.

Commissies en werkgroepen

Behalve de ledenvergadering en het bestuur spelen ook de commissies van de Unie een belangrijke rol in het bestuurlijk beleid. In de commissies (met uitzondering van de commissie Wegenbeheer en de commissie Muskus- en beverratten) zitten vertegenwoordigers vanuit ieder waterschap (dagelijks bestuursleden of voorzitters). De commissies worden voorgezeten door de portefeuillehouders vanuit het Uniebestuur.

De Uniecommissies zijn de spil in het bepalen van gezamenlijke standpunten op hun beleidsterreinen. Door de Uniecommissies worden besluiten genomen rond kort(er)durende onderwerpen. Het gaat meestal om onderwerpen waarover de waterschappen al hun visie hebben gevormd, maar waarbij nog verdere uitwerking nodig is. De commissies worden geadviseerd door werkgroepen. Hier nemen waterschapsmedewerkers aan deel.

Afhankelijk van de grootte van een onderwerp en eventuele (grote) financiële consequenties, worden de besluiten genomen door de commissies of door de ledenvergadering.

Waarom deze structuur?

Om de Unie goed te laten functioneren als vereniging is het van belang dat besluitvorming en de uitkomsten daarvan ook gedragen worden door de waterschappen. Daarom is het belangrijk dat alle waterschappen in de Uniecommissies vertegenwoordigd zijn. En dat helder is op welk moment in welk gremium (ledenvergadering, commissie of werkgroep) een bepaald onderwerp aan de orde komt. Tegelijkertijd is het gewenst dat standpunten binnen een betrekkelijk korte tijd tot stand komen.


Medewerkers bij dit thema

> Rob Uijterlinde

Strategisch adviseur

> Ilona Elfferich-Rodenburg

Verenigingssecretaris

> Herman Havekes

Strategisch adviseur bestuur en directie