Implementation paper KRW, zorgen voor schoon water

1 augustus 2020


> Download deze publicatie

Zorgen voor schoon water moet, en het moet samen. De Unie van Waterschappen geeft in deze notitie aan hoe de waterschappen, in hun rol als waterbeheerder, invulling geven aan de uitvoering van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW), en licht toe hoe andere partijen hier ook een taak in hebben. Aanleiding is de derde generatie stroomgebiedsbeheerplannen, waarvan in december 2020 de ontwerp-versies worden vastgesteld. De ambitie van de waterschappen is om binnen deze derde planperiode (2022-2027) alles op alles te zetten om alle maatregelen te nemen die nog nodig zijn om de KRW-doelen te halen. De individuele waterschappen kunnen dit niet alleen. Veel maatregelen zijn afhankelijk van initiatieven of een grote bijdrage door derden. Denk bijvoorbeeld aan de rol van de gemeenten in de waterketen en bij emissies door de recreatievaart, en de rol van de landbouwsector.

Bijzondere aandacht vragen we voor de rol van het rijk. De rijksoverheid is en blijft voor veel onderwerpen de regisseur en bepaalt veelal de spelregels en de handelingskaders, zoals de mestwetgeving, bronaanpak voor tal van stofgroepen en de financiële speelruimte voor waterbeheer.

Europese regels en regionale speelruimte
In heel Europa staat de kwaliteit van het oppervlaktewater onder druk. Om dat aan te pakken is in 2000 de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) vastgesteld. Met het jaar 2027 als stip op de horizon stelt de KRW kaders, en daarbinnen hebben lidstaten ruimte om zelf, in afstemming met de buurstaten, en aan de hand van richtlijnen, doelen in te vullen. Als die niet gehaald worden, kan ‘Europa’ boetes opleggen. De Nederlandse waterschappen zijn – ook zonder boetedreiging – gemotiveerd om positief invulling aan de KRW te geven en een goede waterkwaliteit te bereiken. De doelen, en hoe die te bereiken, worden op basis van voorbereidend werk van de waterschappen door de provincies vastgelegd en vervolgens trapsgewijs opgenomen in de internationale stroomgebiedsbeheerplannen. De plancyclus beslaat zes jaar.

Nederland is goed op weg om uiterlijk in 2027 alle maatregelen uitgevoerd te hebben. Maar: wat gebeurt er als de doelen pas na 2027 bereikt worden? Natuurlijk willen we voorkomen dat Nederland door Brussel flink op de vingers wordt getikt (inbreukprocedure) zoals bij Natura 2000 is gebeurd.

De richtlijn staat uitstel van doelbereik toe als dit komt doordat het effect van genomen maatregelen pas na 2027 zichtbaar wordt. Als het komt doordat bepaalde maatregelen niet zijn genomen, dan kan een minder streng doel gekozen worden (art. 4.5 van de KRW). Dit vergt wel een uitgebreide motivatie, die kwetsbaar is voor beroep. Om die reden wil Nederland dit niet eerder dan strikt nodig toepassen (dus niet al in de plannen Pagina 2 van 5 van 2021).

Als we goed uitleggen wat we doen en we doen wat maatschappelijk gezien mogelijk is, is er geen reden tot zorg. Van belang is dat we met elkaar een goed gebiedsproces voeren en zo in goed overleg tot duidelijke afspraken komen met alle betrokken partijen. Waterkwaliteit moet een betere plek krijgen in de gebiedsprocessen die de waterschappen zelf organiseren. Waterschappen signaleren dat de mogelijkheden om grond te verwerven voor KRW doelen erg beperkt zijn en steeds meer een knelpunt worden.

Deel dit via:
FacebookTwitterLinkedIn