Oproep om concrete plannen na debat stikstof

28 juni 2022

Op 23 juni debatteerde de Tweede Kamer over de plannen van het kabinet om de stikstofuitstoot te verminderen. De plannen van minister Van der Wal voor Natuur en Stikstof riepen veel vragen op. Tijdens dit debat zijn tientallen moties ingediend waar op 28 juni over werd gestemd.

Polder landschap met weide, water en natuurlijk over

Veel Kamerleden vroegen om meer concrete plannen. Op basis van deze wens is er een motie ingediend met de oproep aan de ministers van Natuur en Stikstof en van Landbouw, Natuur en Voedselveiligheid (LNV) om ruim voor Prinsjesdag met een toekomstperspectief voor boeren te komen. Deze motie is aangenomen.

Kringlooplandbouw

Er zijn ook andere moties ingediend. Mogelijke oplossingen voor de water-, natuur- en klimaatproblemen liggen volgens minister Staghouwer van LNV gedeeltelijk in de kringlooplandbouw. D66 kwam in lijn met deze denkwijze met meerdere moties. Daarin stond dat de transitie naar kringlooplandbouw moet worden verduidelijkt, ondersteund en gestimuleerd. Deze moties werden aangenomen.

Rol provincies

Er was ook een motie om provincies de regie te geven in de vormgeving van het stikstofbeleid zolang dit maar leidt tot 50 procent stikstofreductie in 2030 en de opgaven op het gebied van water en klimaat Worden gehaald. Deze motie werd aangenomen.

Stikstof en waterkwaliteit

Meerdere partijen noemden de link tussen stikstofuitstoot en waterkwaliteit. Woordvoerders van het hele politiek spectrum noemden water, natuur en klimaat vaak in een adem. Kamerlid Pieter Omtzigt riep dan ook op tot integraal beleid om al deze problemen gezamenlijk te kunnen aanpakken.

Waterschappen reageren op stikstofplannen kabinet

13 juni 2022

Op 10 juni maakte het kabinet de plannen bekend om tot 50 procent stikstofreductie te komen. De Unie van Waterschappen ziet het belang van heldere doelen, maar ziet ook aandachtspunten.



De waterschappen pleiten voor meer aandacht voor water- en bodemkwaliteit en voor perspectief voor de landbouwsector. Zo kan deze sector de transitie naar de kringlooplandbouw maken en als belangrijke partner opgesteld staan voor de opgaves in het landelijke gebied.

Richtinggevende stikstofdoelen

Minister Van der Wal (Natuur en Stikstof) en minister Staghouwer (Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) hebben de Tweede Kamer laten weten per gebied richtinggevende stikstofdoelen en reductiepercentages te hebben vastgesteld. Die lopen op van 12 procent tot rond de 70 procent – evenredig op te brengen door alle sectoren – in gebieden dichtbij natuurgebieden en gebieden waar de water- en bodemkwaliteit sterk moet verbeteren.

Landelijk doel

In oktober volgen nadere richtinggevende doelen voor klimaat en natuur. Uiterlijk in juli 2023 is in elk gebied duidelijk wat het doel is en hoe dat gehaald wordt. Daar waar dat eerder duidelijk is, volgt een versnelde aanpak. Het ‘wat’ (de doelen) ligt bij het Rijk, het ‘hoe’ (invulling van de gebiedsplannen) bij de provincies en de betrokken regionale partijen. De waterschappen benadrukken in deze trajecten het belang van verbetering van de water- en bodemkwaliteit. Bij elkaar tellen deze regionale doelen op tot het landelijke doel: driekwart van de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden op een gezond niveau in 2030. Het kabinet heeft voor de gehele aanpak 24,3 miljard euro beschikbaar gesteld bovenop bestaande middelen (7 miljard euro).

Water- en bodemkwaliteit

De Unie van Waterschappen vindt het goed dat de doelen nu helder op papier staan. Voor de waterschappen is het belangrijk dat door de aanpak snel werk gemaakt kan worden van het weer op gang brengen van de vergunningverlening. Het is immers belangrijk dat de projecten van de waterschappen door kunnen gaan. Daarnaast vragen de waterschappen voor de gestelde natuurdoelen ook aandacht voor water- en bodemkwaliteit.

Integrale aanpak

Dirk-Siert Schoonman, bestuurslid Unie van Waterschappen: “We signaleren dat de gestelde natuurdoelen vooral gaan over stikstof, terwijl voor natuurherstel, maar ook voor een klimaatbestendige landbouw, de kwaliteit van het water en de bodem essentieel zijn. Een belangrijk aandachtspunt hierbij is dat de waterkwaliteitsdoelen uit de Kaderrichtlijn Water ook spelen buiten de directe omgeving van Natura 2000-gebieden. Er is daarom wel een brede blik en een integrale aanpak nodig.”

Perspectief voor landbouwsector

Voor de reductie van stikstofuitstoot speelt de agrarische sector een cruciale rol. De ministers pleiten er in hun een plannen voor dat agrarische ondernemers versneld de transitie doormaken naar kringlooplandbouw in 2030. Schoonman: “Het is voor de waterschappen van groot belang dat de landbouwsector, als belangrijke partner in het gebied, dusdanig perspectief krijgen dat ze bij kunnen dragen aan dit systeem. Wat de waterschappen betreft moet de focus van de gebiedsgerichte aanpak dan ook liggen op het gezamenlijk tot stand brengen van de benodigde maatregelen om de natuur te verbeteren, de waterbeschikbaarheid te vergroten en te zorgen dat de waterkwaliteitsdoelen gehaald worden.”

Waterschappen reageren positief op stikstofaanpak minister

6 april 2022

Op vrijdag 1 april heeft het kabinet in een Hoofdlijnenbrief de stikstofaanpak toegelicht. Minister Van der Wal (Natuur en Stikstof) kondigt in de brief een versnelling en vergroting van de aanpak aan. Een boodschap die de Unie van Waterschappen toejuicht.



De waterschappen bepleiten daarbij wel dat de stikstofaanpak ook moet bijdragen aan de verbetering van de waterkwaliteit. Ze missen ook toekomstgerichtheid. De gevolgen van klimaatverandering en de ruimte die water in de toekomst gaat vragen zijn nog te onderbelicht.

Onontkoombaarheid stikstofaanpak

De onontkoombaarheid van de stikstofaanpak staat centraal in de brief: door een teveel aan stikstof verdwijnen steeds meer dieren en planten waardoor de natuur verschraalt. Dat brengt schoon drinkwater, schone lucht en een gezonde bodem in gevaar, aldus de minister in de brief. “Een nieuwe balans tussen wat de natuur kan dragen en wat we als samenleving van de natuur kunnen vragen is nodig. (…) Een versnelling en vergroting van de aanpak is nodig om onherstelbare natuurschade voor te zijn en andere kabinetsopgaven (woningbouw, energietransitie, bereikbaarheid, verduurzaming landbouw) te doen slagen.”

Werk aan de winkel

Minister Van der Wal (Natuur en Stikstof) wil een schoon, leefbaar land met ruimte voor ondernemers en ziet daarbij een sturende rol voor water en bodem. “Daarvoor is werk aan de winkel. Om de stikstofproblematiek het hoofd te bieden gaan we de stikstofuitstoot versneld fors verminderen – vrijwillig waar het kan, verplicht waar dat niet lukt. Zodat de natuur herstelt en perspectief voor ondernemers ontstaat.”

Waterschappen positief

De Unie van Waterschappen is positief over deze boodschap. Zij hamert al langer op het omarmen van het principe dat terugdringen van de uitstoot dé manier is om te kunnen bouwen, en voor de waterschappen om het werk aan waterveiligheid, schoon en voldoende water uit te kunnen (blijven) voeren. Ook bevestigt de Unie van Waterschappen tegelijk het belang van het herstellen van de natuur, als belangrijke stap in de verbetering van de waterkwaliteit. De Unie van Waterschappen pleit daarnaast wel voor een meer toekomstgerichte aanpak, waarbij concreter wordt gemaakt wat water en bodem als sturende factor precies inhoudt en hoe er rekening kan worden gehouden met de ruimte die klimaatadaptatie vraagt bij toenemende weersextremen.

Regionaal maatwerk

Dirk-Siert Schoonman, bestuurslid Unie van Waterschappen: “Het is nog wel belangrijk om te onderstrepen dat het terugdringen van de stikstofuitstoot om regionaal maatwerk vraagt. De gebiedsaanpak moet ook oog hebben voor agrarische partners die een groot deel van onze werkgebieden beheren. De waterschappen hebben verder veel kennis over specifieke gebieden en zijn daarmee essentiële partners in de gebiedsgerichte aanpakken die regionaal worden uitgerold om de stikstofuitstoot te verminderen.”

Integrale aanpak

Daarbij zien de waterschappen net als het kabinet kansen om maatregelen die bijdragen aan natuurherstel en het verminderen van stikstofuitstoot slim te combineren met maatregelen die in het kader van het verbeteren van de waterkwaliteit, de energietransitie, het aanpassen aan weersextremen en verhogen van de ruimtelijke kwaliteit worden genomen. De Unie van Waterschappen is dan ook blij er in de Hoofdlijnenbrief voor een integrale aanpak wordt gepleit en dat het transitiefonds breed gaat worden ingezet. Schoonman: “Die samenhang is belangrijk. We moeten oog houden voor de mogelijkheden hoe beleid meerdere doelen kan dienen en de waterschappen moeten hierbij de ruimte hebben om slimme combinaties te maken.”

> Lees de hele inbreng

Subsidie voor meer schone en emissieloze machines in de (water)bouw

7 december 2021

Aannemers en loonbedrijven die voor waterschappen werken, kunnen vanaf het voorjaar subsidie aanvragen om schoon bouwmaterieel te kopen. Bijvoorbeeld mobiele kranen, graafmachines, shovels en bouwaggregaten

Graafmachine laadt zand in een vrachtwagen

Ook kunnen ze subsidie krijgen voor de ombouw of aanpassing van hun materieel van diesel naar waterstof of elektrisch. Dat is goed in de strijd tegen de stikstofproblemen die de bouw soms stilleggen. En voor onze gezondheid en het milieu.

270 miljoen tot 2030

In 2022 is er 20 miljoen euro beschikbaar. Het kabinet trekt er tot 2030 in totaal 270 miljoen euro voor uit. Het kabinet wil immers dat de bouw 60 procent minder stikstof en 0,4 megaton minder CO2 uitstoot in 2030. Dat is vastgelegd in de Aanpak Stikstof en het Klimaatakkoord. Deze subsidieregeling draagt daar aan bij.

Steun ambities waterschappen

De waterschappen zijn blij met deze subsidieregeling van de Rijksoverheid. Zij willen hun infrastructurele projecten, zoals dijkversterkingen en baggerprojecten, steeds schoner en met minder uitstoot uitvoeren. De regeling is een enorme steun voor deze ambities.

Breed pakket stikstofmaatregelen

Het geld voor deze regeling voor de bouw komt uit het brede pakket aan stikstofmaatregelen, dat het kabinet al eerder aankondigde.

Meer informatie op de website van de Rijksoverheid

Voorbeeld: Rijnland baggert groen (magazine Het Waterschap)

Unie maakt kennis met nieuwe minister en met waterwoordvoerder

19 januari 2022

Nu het nieuwe kabinet is beëdigd, wil de Unie van Waterschappen graag kennismaken met nieuwe ministers en staatssecretarissen die een deel van het brede werkterrein van de waterschappen in hun portefeuille hebben. Maar liefst 10 bewindspersonen hebben raakvlakken met het werk van de waterschappen.



Christianne van der Wal (minister voor Natuur en Stikstof)

Rogier van der Sande en Dirk-Siert Schoonman maakten op 17 januari kennis met minister Van der Wal (Natuur en Stikstof). Zij bespraken de rol van de waterschappen in de integrale aanpak van het stikstofdossier. De waterschappen juichen toe dat het nieuwe kabinet de stikstofopgave wil koppelen aan het verbeteren van de waterkwaliteit. Zo vinden ze dat elke euro voor stikstofreductie er ook één van waterkwaliteit moet zijn.

Fahid Minhas (nieuwe waterwoordvoerder VVD)

Enkele Kamerleden werden minister of staatssecretaris en dat betekent dat er nieuwe Kamerleden in de Kamer komen. Soms wisselen de portefeuilles binnen de Kamerfractie dan ook. Bij de VVD was zo’n wissel: Fahid Minhas (foto) nam de waterportefeuille over van Rudmer Heerema. Rogier van der Sande maakte op 18 januari kennis met Minhas. De nieuwe waterwoordvoerder toonde zich geïnteresseerd in water in relatie tot ruimtelijke ordening. Er wordt binnenkort een werkbezoek voor hem georganiseerd.

Waterschappen positief over klimaatbestendige keuzes in coalitieakkoord

15 december 2021

Het nieuwe kabinet laat met het coalitieakkoord zien in de ruimtelijke inrichting van Nederland rekening te houden met klimaatverandering door water en bodem sturend te laten zijn. De Unie van Waterschappen is blij dat het nieuwe kabinet hiermee een klimaatbestendige en waterbewuste weg inslaat. Ook de ambitieuze plannen voor de stikstofaanpak en de uitvoering van het Klimaatakkoord worden door de waterschappen aangemoedigd.



Uit het coalitieakkoord blijkt dat het nieuwe kabinet wil werken aan vernieuwde deltabeslissingen voor een waterveilig land met voldoende zoet water en een toekomstbestendige inrichting. “Water en bodem worden sturend bij ruimtelijke planvorming. Om die reden worden waterschappen daarbij eerder betrokken en krijgt de watertoets een dwingender karakter”, aldus de nieuwe coalitie.

Slimme, waterbewuste keuzes in ruimtelijke ordening

Rogier van der Sande, voorzitter van de Unie van Waterschappen: “Een Nederland waarin we schade door weersextremen weten te beperken begint bij een cultuuromslag, waarin we accepteren dat we land, water en bodem niet meer volledig naar onze hand kunnen zetten. We moeten Nederland niet op de oude manier vol bouwen, maar slimme en waterbewuste keuzes maken.”

“Daarnaast moeten we ingrijpende keuzes in het landelijk gebied niet langer vooruitschuiven. Met het dwingender maken van de watertoets onderstreept de nieuwe coalitie de urgentie hiervan. Met deze passage in het coalitieakkoord is de eerste stap in de goede richting gezet. Een logische vervolgstap is het aanscherpen van wet- en regelgeving door het Rijk om te borgen dat het niet alleen bij mooie woorden blijft.”

Waterkwaliteit slim combineren met stikstofaanpak

Ook is de Unie van Waterschappen positief over de ambitieuze stikstofaanpak die in het coalitieakkoord wordt gepresenteerd, waarbij een versnelling van het behalen van doelen en een transitiefonds tot 25 miljard euro worden aangekondigd.

Van der Sande: “We zijn blij in het coalitieakkoord te lezen dat de stikstofaanpak zich niet alleen richt op het verminderen van stikstofuitstoot, maar ook oog heeft voor samenhangende opgaven rond waterkwaliteit, klimaat en natuur en dat daar veel geld voor wordt uitgetrokken. Met de visie van een nieuw kabinet en de uitvoeringskracht en gebiedskennis van de waterschappen kunnen we het verschil maken in het verduurzamen van Nederland, het oplossen van het tekort aan woningen, het herstellen van de natuur, de transitie van de landbouw, het verbeteren van de waterkwaliteit én het verder voorkomen van schade en overlast door extreem weer.”

Dweilen met de kraan dicht

Daarnaast valt op dat in het coalitieakkoord veel nadere uitvoering in het behalen van de doelen uit Klimaatakkoord is terug te vinden. Daarbij worden ook de potentie van aquathermie en groen gas als hernieuwbare energiebronnen genoemd. Van der Sande: “Waar enerzijds aandacht is voor het opvangen van de gevolgen van klimaatverandering, moeten we anderzijds vol inzetten op het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen om verdere klimaatverandering te beperken. Het nieuwe kabinet laat zien hier bijzonder ambitieus in te zijn en dat moedigen wij aan.”

“Wij dweilen graag met de kraan dicht en nemen ook onze verantwoordelijkheid door met energiebesparing, duurzaam inkopen en het opwekken van duurzame energie toe te werken naar klimaatneutraliteit. Hierbij is aquathermie een aantrekkelijk alternatief voor aardgas en zijn de waterschappen potentieel grote leveranciers van groen gas. We hopen dat het nieuwe kabinet daarom ook financiële en juridische belemmeringen voor het optimaal benutten van deze potentie wegneemt.”

Evenwichtige bestuurlijke en financiële verhoudingen

Waterschappen benadrukken wel het belang van een goede samenwerking tussen het Rijk en de decentrale overheden om de grote maatschappelijke opgaven die in het coalitieakkoord centraal staan in samenhang aan te pakken. Om de enorme vraag naar woningen, de strijd tegen klimaatverandering en de transitie naar duurzame energie te realiseren, is het nodig deze slim te combineren met een gezamenlijke aanpak in de regio.

Gemeenten, provincies en waterschappen bundelen graag de krachten met het Rijk, maar stellen daarbij een aantal voorwaarden, zoals evenwichtige bestuurlijke verhoudingen. Het is belangrijk dat nieuw beleid en wetgeving eerst getoetst worden op uitvoerbaarheid. En dat er een evenwicht is tussen taken, bevoegdheden en financiële middelen voor alle bestuurslagen. Dit ontbreekt nog in het op 15 december gepresenteerde coalitieakkoord.

Het coalitieakkoord ‘Omzien naar elkaar en vooruitkijken naar de toekomst’

Laat waterkwaliteit profiteren van stikstofaanpak

19 november 2021

Wetenschappers van verschillende kennisinstituten hebben gekeken wat de ecologische, ruimtelijke en sociaaleconomische effecten zijn van een gebiedsgerichte integrale aanpak van stikstof. Op 12 november heeft demissionair minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit verschillende publicaties hierover aangeboden aan de Tweede Kamer.

Polderlandschap met klein gemaal

Nederland moet flinke stappen zetten om de stikstofuitstoot te verminderen en de natuurkwaliteit te verbeteren. Tegelijkertijd liggen er uitdagingen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Ook moet de waterkwaliteit in 2027 ecologisch gezond en chemisch schoon zijn.

Slim combineren

De Unie van Waterschappen pleit voor stikstofmaatregelen die bijdragen aan natuurherstel en het verminderen van stikstofuitstoot. Daarnaast zijn er maatregelen nodig om de waterkwaliteit te verbeteren, zodat de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) in 2027 worden gehaald. Slim combineren is noodzakelijk.

Geen tweede stikstofdossier

Het terugdringen van de stikstofuitstoot is een uitdaging voor heel Nederland, in al zijn diversiteit in grondgebruik en bodemopbouw. Tegelijkertijd zijn voor alle landbouwgebieden maatregelen nodig om de kwaliteit van het oppervlaktewater te verbeteren. Zowel op zand-, klei- als veengebieden. De waterschappen willen voorkomen dat het waterkwaliteitsdossier een tweede stikstofdossier wordt.

Normen niet gehaald

De landbouw heeft de afgelopen decennia de nodige stappen gezet om de waterkwaliteit te verbeteren. Toch is in alle landbouwgebieden het oppervlaktewater nog niet schoon genoeg om in 2027 de doelen van de KRW voor de kwaliteit van het oppervlaktewater te halen. In alle landbouwgebieden voldoet de waterkwaliteit van het oppervlaktewater nog niet aan de normen voor stikstof en/of fosfor. Dat blijkt uit gegevens van het Meetnet Nutriënten Landbouw Specifiek Oppervlaktewater. Dit meetnet bestaat uit meetlocaties die alleen door de landbouw worden beïnvloed. Op de helft van de meetlocaties worden de waterkwaliteitsnormen overschreden.

Kringlooplandbouw

Daarom pleiten de waterschappen voor een complete aanpak. Naast maatregelen voor stikstof zijn er ook maatregelen en geld nodig om in 2027 de doelen van de KRW in alle landbouwgebieden te halen. Ook is het belangrijk dat stikstofmaatregelen geen negatieve gevolgen hebben voor de kwaliteit van het oppervlaktewater. Om de landbouw te verduurzamen naar kringlooplandbouw is veel geld nodig. Elke euro voor de stikstofaanpak moet daarbij bijdragen aan verbetering van de waterkwaliteit.

Kansen van de stikstofaanpak

Wageningen University & Research heeft een memo geschreven: ‘Kansen van de stikstofaanpak voor bet doelbereik van de KRW voor nutriënten’. Daarin staan een aantal maatregelen die volgens de universiteit helpen om de waterkwaliteit te verbeteren. Deze maatregelen richten zich op het westelijk veengebied en op grote beeksystemen in Twente, de Achterhoek, de Gelderse Vallei, Oost Noord-Brabant en Limburg. Deze beeksystemen zijn aangewezen als KRW-waterlichaam en liggen in de omgeving van een Natura 2000-gebied.

Besluitvorming

De waterschappen vragen het nieuwe kabinet de inzichten uit deze memo, andere rapporten en adviezen in het kader van het 7e Actieprogramma Nitraatrichtlijn mee te nemen in de besluitvorming over de stikstofaanpak, het mestbeleid en het waterkwaliteitsbeleid. In al deze stukken staan aanbevelingen voor een aanvullend maatregelenpakket om de waterkwaliteit te verbeteren.

Waterschappen steunen voorgestelde stikstofaanpak van provincies

10 december 2021

Op 9 december heeft het Interprovinciaal Overleg (IPO) het Stikstofplan van de provincies gepresenteerd. De Unie van Waterschappen steunt de plannen van de provincies. Ze benadrukt in een reactie dat de waterschappen als kennis- en uitvoeringspartners in de regio de handschoen willen oppakken.



Duidelijk is dat de stikstofuitstoot naar beneden moet en dat de natuur moet worden hersteld. Ook de provincies onderstrepen de urgentie hiervan in hun propositie. Daarbij zeggen ze ook dat stikstof niet de enige dreiging is voor de leefomgeving. De provincies vinden net als de waterschappen dat er ook gewerkt moet worden aan waterkwaliteit, water vasthouden in tijden van droogte, water bergen en afvoeren in tijden van hoosbuien of overstroming, en aan het terugdringen van broeikasgassen.

Stikstofplannen slim combineren

Daarom is het belangrijk dat stikstofplannen slim worden gecombineerd met de aanpak van andere problemen. Zo snijdt het mes aan meerdere kanten. De provincies halen in dit kader ook de doelstellingen van de Kaderrichtlijn Water, de Natuur- en Habitatrichtlijn en andere Europese regels aan.

Verhogen waterkwaliteit

Dirk-Siert Schoonman, bestuurslid Unie van Waterschappen: “De waterschappen steunen de wens voor meer samenhang. Ze pleiten er daarom voor dat elke euro die aan stikstof wordt uitgegeven maximaal bijdraagt aan het verhogen van de waterkwaliteit. Tegelijkertijd moet perspectief worden geboden aan de partijen die hun bestaan hebben in het landelijk gebied.”

Landelijke kaders, regionaal maatwerk

Ook herkennen de waterschappen zich in het standpunt van de provincies dat de stikstofaanpak landelijke kaders nodig heeft en vervolgens om regionaal maatwerk vraagt. Waterschappen zijn hierbij een logische partij. Schoonman: “De waterschappen hebben veel kennis over specifieke gebieden. Ze zijn daarmee sterke partners in de gebiedsgerichte aanpakken die regionaal worden uitgerold om de staat van de natuur te verbeteren.”

Snelle keuzes

De waterschappen zijn daarnaast blij dat de provincies nu met een concrete aanpak komen. Ze dringen er bij het Rijk en de provincies op aan dat er snel keuzes worden gemaakt en maatregelen worden uitgerold. Ook ziet de Unie van Waterschappen graag terug wat ieders rol en verantwoordelijkheid precies wordt. Ze benadrukt dat snelheid geboden is.

Lees het Stikstofplan van het IPO

Waterschappen reageren op Quick Scan stikstofaanpak PBL

11 november 2021

Op 9 november heeft het Planbureau van de Leefomgeving (PBL) een Quick Scan van de voorgestelde beleidspakketten van het demissionaire kabinet om de stikstofproblematiek aan te pakken gepresenteerd. Het PBL geeft hierin onder meer aan dat het systeemherstel groter is wanneer tegelijkertijd wordt ingezet op extensivering van de landbouw.



De Unie van Waterschappen benadrukt in een reactie het belang van een robuust landelijk gebied, dat de stikstofaanpak regionaal maatwerk is, en dat een snelle en integrale aanpak inderdaad hard nodig is.

Beleidspakketten

Het PBL is door het kabinet verzocht om het effect van 2 beleidspakketten te analyseren om de stikstofuitstoot uit de landbouw terug te dringen en de natuur te verbeteren. Beide pakketten leiden tot vermindering van het neerslaan van stikstof op de bodem en in het water, de zogenaamde stikstofdepositie.

Afname broeikasgassen

De potentiële natuurverbetering en systeemherstel zijn groter in het pakket dat gericht is op stikstofreductie én extensivering van de landbouw (pakket A). Pakket A gaat ook verdroging tegen én heeft een betere uitwerking op de afname van broeikasgassen, ondanks dat het smallere pakket een grotere vermindering van de veestapel voorstelt. In beide pakketten is de verbetering afhankelijk van het slagen van een aanzienlijke uitvoeringsopgave in korte tijd.

Robuust landelijk gebied

Dirk-Siert Schoonman, bestuurslid Unie van Waterschappen: “Het is goed dat het nadenken over bronmaatregelen zich in deze richting ontwikkelt. Een meer natuurinclusieve veehouderij is belangrijk voor een robuust landelijk gebied, waarmee niet alleen de stikstofuitstoot wordt gereduceerd, maar die ook ten goede komt aan een weerbaar systeem dat weersextremen beter kan opvangen. Hierbij is het belangrijk dat er een lange termijn perspectief is voor de agrariërs om mee te doen aan deze transitie, zoals in pakket A wordt voorgesteld.”

Slim combineren

Het herstel van de natuurlijke systemen vraagt volgens de Unie van Waterschappen om regionaal maatwerk. De waterschappen hebben veel kennis over specifieke gebieden. Ze zijn daarmee sterke partners in de gebiedsgerichte aanpakken die regionaal worden uitgerold om de staat van de natuur te verbeteren. Daarbij zetten de waterschappen in op maatregelen die bijdragen aan natuurherstel en het verminderen van stikstofuitstoot. Die maatregelen zijn slim te combineren zijn met maatregelen die worden genomen in het kader van de waterkwaliteit, het klimaatakkoord, het aanpassen aan weersextremen en verhogen van de ruimtelijke kwaliteit .

Meer over de Quick Scan

Nieuwe editie van magazine Het Waterschap over water en ruimte

14 oktober 2021

Magazine Het Waterschap is op 14 oktober weer verschenen. Het thema van dit nummer is ‘Water en Ruimte’. Het blad is ook online te lezen.



Van ruimte wordt vandaag de dag veel gevraagd: er is ruimte nodig voor zonnepanelen en windmolens om de klimaatdoelen te halen. Er is ruimte voor de natuur nodig om de stikstofproblematiek het hoofd te bieden. Er is ruimte nodig voor een miljoen nieuwe woningen om de woningnood op te lossen.

Ruimte voor water

Allemaal belangrijk. Maar wanneer je ruimte voor water vergeet en de hele boel overstroomt of droog komt te staan, valt al het andere figuurlijk in het water. De ruimte voor water staat daarom in dit nummer van Het Waterschap centraal.

Veel interviews

Maak even ruimte in je agenda om de interviews te lezen met Hans Mommaas (Planbureau voor de Leefomgeving), Edwin Lokkerbol (kwartiermaker Emissieloos bouwen), Stefan Kuks (waterschap Vechtstromen), journalist Menno Bentveld en vele anderen!

Lees magazine Het Waterschap online