Nederland rondt EU-rapportage af

29 juni 2022

Dankzij de gezamenlijke inspanning van Rijkswaterstaat en het Informatiehuis Water heeft Nederland op 28 juni 2022 de EU-rapportage over de Stroomgebiedbeheerplannen 2022-2027 succesvol afgerond. Nederland is het eerste land dat de elektronische rapportage bij de Europese Commissie heeft ingediend.



De afgelopen jaren hebben beleidsmedewerkers, waterbeheerders en het Informatiehuis Water alle voor de Stroomgebiedbeheerplannen relevante, informatie geïnventariseerd en in het Waterkwaliteitsportaal vastgelegd.  De rapportage aan de Europese Commissie is de laatste stap in dit proces. Hiervoor moet de verzamelde informatie omgezet worden in het vereiste EU-formaat. In Nederland dragen Rijkswaterstaat en het Informatiehuis Water zorg hiervoor. 

Gegevens Kaderrichtlijn Water

De formele deadline voor de rapportage aan de Europese Commissie was 22 maart 2022. Door onder andere problemen in de EU-programmatuur voor de elektronische rapportage is het nog geen enkele lidstaat gelukt om zijn Kaderrichtlijn Water gegevens te rapporteren. Tot 28 juni, nu Nederland haar KRW-gegevens succesvol heeft gerapporteerd.

Gezamenlijke prestatie

Het Informatiehuis Water bedankt iedereen die zich heeft ingespannen voor de rapportage over Stroomgebiedbeheerplannen 2022-2027, in het bijzonder de waterbeheerders voor het jaarlijks actualiseren van hun gegevens voor de Kaderrichtlijn Water.

Waterschappen reageren op nieuw rapport waterkwaliteit

2 juni 2022

Onderzoekers van Witteveen+Bos waarschuwen in hun rapport 'Gaat Nederland de KRW-doelen halen?' dat er mogelijk een juridische crisis kan ontstaan wanneer de waterkwaliteitsdoelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) niet worden gehaald in Nederland. De Unie van Waterschappen onderstreept de geuite urgentie in het rapport.



In het rapport wordt verwezen naar eerdere metingen van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Daaruit blijkt dat minder dan 1 procent van de Nederlandse rivieren, beken en meren voldoet aan alle Europese normen. Het rapport is in lijn met de stroomgebiedbeheerplannen van de verschillende Nederlandse waterbeheerders en de Kamerbrief die minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat in november 2021 stuurde.

Gezamenlijke inspanning

Sander Mager, portefeuillehouder waterkwaliteit in het bestuur van de Unie van Waterschappen: “Het halen van de doelen van de Kaderrichtlijn Water wordt spannend. Het gaat niet vanzelf goed komen en ook niet zonder pijn. De waterschappen hebben de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in het verbeteren van de waterkwaliteit. We werken hard om de doelen van de KRW te halen, maar ook landbouw, industrie en het Rijk zijn aan zet. Een goede waterkwaliteit is haalbaar in Nederland, maar niet als we de gebruiksdruk op het water alleen maar laten toenemen.”

Probleemstoffen

In het rapport komen ook industriële lozingen aan bod. Een aantal probleemstoffen zoals zink, zilver en microplastics komen ook in het water via consumentenproducten, bouwmateriaal uit de bouw en de inrichting van de openbare ruimte. Mager: “Een structurele aanpak van dergelijke diffuse bronnen vraagt om een meer circulaire economie en soms een ander consumptiepatroon. Het rapport vraagt terecht om een bronaanpak. Dat zal geen makkelijke opgave worden, omdat we ook als consumenten daar wat van merken.”

Gezamenlijke inspanning

Volgens de Unie van Waterschappen is een gezamenlijke inspanning de voorwaarde om de KRW-doelen te halen. Mager: “We zijn blij dat het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) een belangrijke stap kan zijn om de doelen dichterbij te halen. Waterkwaliteit is naast klimaat en stikstof één van de pijlers van dit programma. Er zijn duurzame keuzes nodig, want het huidige systeem is niet houdbaar.”

> Rapport Gaat Nederland de KRW-doelen halen?

Waterpoort: Hoe staan we ervoor met de Kaderrichtlijn Water?

31 mei 2022

Op 30 mei vond de eerste editie van de heropgerichte Waterpoort plaats in Perscentrum Nieuwspoort. Samen met Vewin, de vereniging van drinkwaterbedrijven, organiseerde de Unie van Waterschappen een paneldiscussie over wat er nodig is om de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) te halen.



Gespreksleider Elisabeth van den Hoogen opende de Poort met een kort interview met Rogier van de Sande en Peter van der Velden, voorzitters van de Unie van Waterschappen en Vewin. Beiden gingen in op de opmerking van minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat dat Nederland de doelen van de KRW niet ging halen. Mag hij zoiets zeggen, was de vraag. Van der Velden vindt van niet. Toch ziet Van de Sande in waarom Harbers de uitspraak deed: “Hij heeft de plicht om de urgentie van waterkwaliteit duidelijk te maken. Hopelijk wordt dat door deze uitspraak duidelijk.”

Aanpakken bij de bron

De aanwezigen waren het erover eens dat bronbeleid onmisbaar is om de doelen van de KRW te halen. Maar niet alleen bronbeleid is belangrijk. Ook zijn gebiedsgerichte maatregelen nodig, zei Fahid Minhas, waterwoordvoerder voor de VVD. Volgens hem mag het Rijk daarin ook meer de regie pakken. Zij moeten zich tenslotte namens Nederland verantwoorden naar Europa toe.

Geef waterschappen een taak

Sander Mager, bestuurder bij de Unie van Waterschappen, vertelde dat het huidige beleid van waterschappen niet gebaseerd is op het aanpakken bij de bron. Dat is wel nodig en daarin ligt een grote opgave. Daarom vragen de waterschappen ook aan het Rijk om hen een taak te geven.

Een sluipend probleem

Om de urgentie te voelen en door te pakken, is een crisis nodig. Maar waterkwaliteit vormt een sluipend probleem. Het is daarom belangrijk om niet nog meer plannen te maken, maar juist de plannen die er liggen uit te voeren. Wim Drossaert, bestuurder bij Vewin, pleitte er daarom voor om nu maatregelen te nemen en ons niet te verschuilen achter andere problemen zoals droogte.

Watertransitie nodig

Duidelijk voor alle aanwezigen was dat er een watertransitie nodig is. Als samenleving moet Nederland leren anders met water om te gaan. Minhas gaf aan dat het lastig is om dat aan mensen duidelijk te maken. “Het raakt ze niet in de portemonnee zoals dat bijvoorbeeld met energie wel gebeurt.”

Volgende Waterpoort

De volgende Waterpoort is op 29 september 2022. Deze zal gaan over de woningbouw en water.

Kamerleden stellen vragen over verbetering waterkwaliteit

22 maart 2022

Tijdens het wekelijkse Vragenuurtje in de Tweede Kamer stelde Tjeerd de Groot (D66) vragen over een mogelijke watercrisis in Nederland. Aanleiding voor zijn vragen was een artikel in NRC over het langzame tempo van de verbetering van de waterkwaliteit.



De Groot wilde weten of Nederland een watercrisis riskeert als het in 2027 niet kan voldoen aan de Kaderrichtlijn Water. Nederland lijkt het slechtste jongetje van de klas: we staan onderaan de tabel van landen die de waterkwaliteit goed op orde hebben. Hij vroeg zich af wat het kabinet gaat doen om te voorkomen dat Nederland weer op slot gaat zoals in de stikstofcrisis.

Herstel kost tijd

Minister Mark Harbers van Infrastructuur en Waterstaat verblijft in het buitenland. Daarom reageerde staatssecretaris Vivianne Heijnen. Volgens haar moet Nederland vol aan de bak met de waterkwaliteit. Het gaat al beter en we gaan volgens haar voldoen aan de Kaderrichtlijn Water (KRW) omdat Nederland alle maatregelen neemt. De doelen van 2027 zullen we misschien niet halen, omdat herstel ook tijd kost: als je een maatregel neemt om de waterkwaliteit te verbeteren, is dat soms niet direct zichtbaar.

Gezamenlijke verantwoordelijkheid

De Groot vroeg verder wat het kabinet doet met gemeenten die onvoldoende maatregelen treffen. Heijnen benadrukte dat waterkwaliteit een gezamenlijke verantwoordelijkheid is.

Veel meten

Eva van Esch van de Partij voor de Dieren wilde van Heijnen weten hoe het komt dat we al 22 jaar bezig zijn om de waterkwaliteit te verbeteren, maar dat toch maar 1 procent van de wateren op orde is. De staatssecretaris antwoordde dat we in Nederland veel meten. Dan krijg je andere uitkomsten. Een land dat niet of weinig meet, krijgt het label ‘goed’. Dat geeft een vertekend beeld.

Belemmering economie

Chris Stoffer van de SGP wilde daarop weten of onze norm niet te strak is in vergelijking met Europa. Heijnen zei dat de minister daar nog met een antwoord op komt. Ten slotte vroeg Fahid Minhas van de VVD hoe we voorkomen dat de economie wordt belemmerd als we niet voldoen aan de Kaderrichtlijn Water. Heijnen antwoordde daarop dat het risico niet zo groot wordt ingeschat en in ieder geval geen landelijk probleem wordt.

Rol waterschappen

De waterschappen brengen regelmatig bij de Kamer onder de aandacht hoe de KRW-doelen gehaald kunnen worden.

> Artikel NRC: Nederland riskeert watercrisis in 2027

Waterschappen: Laat waterkwaliteitsdossier geen tweede stikstofdossier worden

26 november 2021

Op 1 en 2 december bespreekt de Tweede Kamer de begroting van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) voor 2022. De waterschappen vragen de Kamer aandacht te besteden aan de kwaliteit van het oppervlaktewater en aan de stikstofaanpak.

Polder landschap met weide, water en natuurlijk over

De waterschappen maken zich namelijk zorgen. Met de huidige maatregelen worden de doelen uit de Kaderrichtlijn Water en de Nitraatrichtlijn voor de kwaliteit van het oppervlaktewater in landbouwgebieden niet gehaald. In oktober heeft de Europese Commissie Nederland gewaarschuwd en dringend gevraagd om extra maatregelen te nemen om de doelen van de Nitraatrichtlijn te halen.

Aanvullende maatregelen

De waterschappen willen voorkomen dat het waterkwaliteitsdossier een tweede stikstofdossier wordt. Daarom zijn er aanvullende maatregelen nodig. De rijksoverheid moet daarbij haar verantwoordelijkheid voor het mestbeleid en de mest- en waterwetgeving blijven nemen. Daarnaast is het belangrijk dat alle agrarische ondernemers met de maatregelen aan de slag gaan.

Integrale aanpak nodig

De waterschappen vinden dat de stikstof- en de waterkwaliteitsproblemen allebei moeten worden opgelost. Ook voor de aanpak van de waterkwaliteitsproblemen is geld nodig. De waterschappen zijn het met de minister van LNV eens dat geld dat beschikbaar is voor de stikstofaanpak ook ingezet moet worden voor het verbeteren van de waterkwaliteit.

Lees de hele inbreng

Laat waterkwaliteit profiteren van stikstofaanpak

19 november 2021

Wetenschappers van verschillende kennisinstituten hebben gekeken wat de ecologische, ruimtelijke en sociaaleconomische effecten zijn van een gebiedsgerichte integrale aanpak van stikstof. Op 12 november heeft demissionair minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit verschillende publicaties hierover aangeboden aan de Tweede Kamer.

Polderlandschap met klein gemaal

Nederland moet flinke stappen zetten om de stikstofuitstoot te verminderen en de natuurkwaliteit te verbeteren. Tegelijkertijd liggen er uitdagingen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Ook moet de waterkwaliteit in 2027 ecologisch gezond en chemisch schoon zijn.

Slim combineren

De Unie van Waterschappen pleit voor stikstofmaatregelen die bijdragen aan natuurherstel en het verminderen van stikstofuitstoot. Daarnaast zijn er maatregelen nodig om de waterkwaliteit te verbeteren, zodat de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) in 2027 worden gehaald. Slim combineren is noodzakelijk.

Geen tweede stikstofdossier

Het terugdringen van de stikstofuitstoot is een uitdaging voor heel Nederland, in al zijn diversiteit in grondgebruik en bodemopbouw. Tegelijkertijd zijn voor alle landbouwgebieden maatregelen nodig om de kwaliteit van het oppervlaktewater te verbeteren. Zowel op zand-, klei- als veengebieden. De waterschappen willen voorkomen dat het waterkwaliteitsdossier een tweede stikstofdossier wordt.

Normen niet gehaald

De landbouw heeft de afgelopen decennia de nodige stappen gezet om de waterkwaliteit te verbeteren. Toch is in alle landbouwgebieden het oppervlaktewater nog niet schoon genoeg om in 2027 de doelen van de KRW voor de kwaliteit van het oppervlaktewater te halen. In alle landbouwgebieden voldoet de waterkwaliteit van het oppervlaktewater nog niet aan de normen voor stikstof en/of fosfor. Dat blijkt uit gegevens van het Meetnet Nutriënten Landbouw Specifiek Oppervlaktewater. Dit meetnet bestaat uit meetlocaties die alleen door de landbouw worden beïnvloed. Op de helft van de meetlocaties worden de waterkwaliteitsnormen overschreden.

Kringlooplandbouw

Daarom pleiten de waterschappen voor een complete aanpak. Naast maatregelen voor stikstof zijn er ook maatregelen en geld nodig om in 2027 de doelen van de KRW in alle landbouwgebieden te halen. Ook is het belangrijk dat stikstofmaatregelen geen negatieve gevolgen hebben voor de kwaliteit van het oppervlaktewater. Om de landbouw te verduurzamen naar kringlooplandbouw is veel geld nodig. Elke euro voor de stikstofaanpak moet daarbij bijdragen aan verbetering van de waterkwaliteit.

Kansen van de stikstofaanpak

Wageningen University & Research heeft een memo geschreven: ‘Kansen van de stikstofaanpak voor bet doelbereik van de KRW voor nutriënten’. Daarin staan een aantal maatregelen die volgens de universiteit helpen om de waterkwaliteit te verbeteren. Deze maatregelen richten zich op het westelijk veengebied en op grote beeksystemen in Twente, de Achterhoek, de Gelderse Vallei, Oost Noord-Brabant en Limburg. Deze beeksystemen zijn aangewezen als KRW-waterlichaam en liggen in de omgeving van een Natura 2000-gebied.

Besluitvorming

De waterschappen vragen het nieuwe kabinet de inzichten uit deze memo, andere rapporten en adviezen in het kader van het 7e Actieprogramma Nitraatrichtlijn mee te nemen in de besluitvorming over de stikstofaanpak, het mestbeleid en het waterkwaliteitsbeleid. In al deze stukken staan aanbevelingen voor een aanvullend maatregelenpakket om de waterkwaliteit te verbeteren.

Waterkwaliteit van de kleine wateren in Nederland blijft zorgelijk: gezamenlijke aanpak nodig

18 november 2021

Het gaat nog steeds niet goed met de kwaliteit van kleine oppervlaktewateren in Nederland. Minder dan 1 op de 5 (17%) van de onderzochte wateren is van goede kwaliteit. Meer dan 80% heeft een matige tot slechte kwaliteit. Dat blijkt uit het landelijk burgeronderzoek ‘Vang de Watermonsters’.



De resultaten zijn vergelijkbaar met vorig jaar. In het onderzoek zijn ook 10 wateren geselecteerd waar het wel goed gaat met de waterkwaliteit en die positief worden beleefd door omwonenden. Deze 10 waterparels kunnen als voorbeeld dienen om meer waterparels in Nederland te realiseren.

Blinde vlekken op de kaart zetten

Het burgeronderzoek ‘Vang de Watermonsters’ is een initiatief van onder meer Natuur & Milieu, de ASN Bank en 10 waterschappen dat dit jaar voor de derde keer is uitgevoerd. Mensen in heel Nederland brachten deze zomer de waterkwaliteit in kaart van bijna 1100 kleine wateren zoals sloten, vennen, vijvers, grachten en kleine plassen. “Zo speelt ‘Vang de watermonsters’ een cruciale rol in het op de kaart zetten van deze blinde vlekken voor waterkwaliteitsbeheer”, zegt Lisette Senerpont Domis, hoofd van het Aquatisch Kenniscentrum Wageningen, een kennisteam binnen het Nederlands Instituut voor Ecologie.

Meer waterparels

Deelnemende waterschappen hebben op basis van het burgeronderzoek 10 waterparels gekozen die het beste scoorden. Het gaat om wateren met een goede waterkwaliteit en een positieve waterbeleving. Deze waterparels liggen verspreid over Nederland in zowel natuur-, bebouwde als agrarische gebieden. De gevonden waterparels laten zien dat het op veel meer plekken mogelijk is om waterparels met een rijke biodiversiteit en een goede waterkwaliteit te realiseren.

Sander Mager, vicevoorzitter Unie van Waterschappen: “Een goede waterkwaliteit is van levensbelang voor alles dat in of bij het water leeft. De waterschappen hebben de afgelopen jaren al veel geïnvesteerd in het verbeteren van de waterkwaliteit. Dit heeft nog niet overal effect. Tegelijkertijd laat dit onderzoek zien dat er ook wateren zijn waar het wel goed gaat met de biodiversiteit. Het is hard nodig om veel meer van deze zogenaamde ‘waterparels’ te realiseren. Daarom zoeken de waterschappen actief de samenwerking met andere betrokken partners en benadrukken we de noodzaak van een stevige aanpak aan de bron om vervuiling in sloten en plassen tegen te gaan. Dat is ook nodig om de Europese doelstellingen te halen. Eenmaal in het water, zijn deze stoffen er eigenlijk niet uit te halen.” Extra inspanningen zijn dus nodig, zoals maatregelen in het mestbeleid, wetgeving voor gewasbeschermingsmiddelen en strenger toelatingsbeleid voor stoffen.

Mix van maatregelen

De uitkomsten van het onderzoek bevestigen dat er voor het realiseren van meer waterparels een aantal maatregelen nodig is. Allereerst het maken van een goede analyse van het watersysteem. Niet elk water is immers hetzelfde en elk gebied vraagt om een specifieke oplossing. Andere maatregelen die positief bijdragen zijn ecologische inrichting van wateren en ecologisch beheer van oevers en watergangen. En uiteraard goede samenwerking met alle betrokkenen zoals gemeenten, provincies en waterschappen, maar zeker ook omwonenden, boeren, natuurbeherende organisaties en particuliere eigenaren.

Waterkwaliteit onder druk

De waterkwaliteit van de Nederlandse oppervlaktewateren staat onder druk. De belangrijkste bronnen van vervuiling die moeten worden aangepakt zijn mest, bestrijdingsmiddelen uit de landbouw en stoffen die via het rioolwater in het milieu komen zoals medicijnresten en PFAS. Het merendeel van de vervuiling komt uit eigen land. Mest en riooloverstorten hebben direct effect op de concentratie nitraat en fosfaat, het doorzicht en de diversiteit aan waterleven. Vergelijk je de gemeten waterkwaliteit uit dit en andere onderzoeken met andere Europese landen, dan bungelt Nederland onderaan de Europese lijsten.

Europese eisen voor waterkwaliteit

In 2027 moeten alle wateren in Nederland voldoen aan de Europese eisen voor waterkwaliteit (KRW). Uiterlijk in dat jaar moet al het water in Europa voldoende schoon en gezond zijn. Kleine wateren vormen samen een derde van het Nederlandse oppervlaktewater en vormen de haarvaten van het watersysteem. Ze vallen buiten de huidige verplichte metingen van waterkwaliteit. De resultaten van dit burgeronderzoek laten zien dat op basis van de gemeten parameters de waterkwaliteit in slechts 17% van de gemeten wateren goed is. Met nog 5 jaar te gaan is het een enorme opgave om de KRW-doelen te halen.

Burgeronderzoek

‘Vang de Watermonsters’ is een landelijk burgeronderzoek om de waterkwaliteit van de kleine wateren van Nederland in kaart te brengen. Deelnemers meten met een online meetkit of een uitgebreidere superkit de waterkwaliteit in een klein water in hun omgeving.

Editie 2021 is een project van Natuur & Milieu, 10 waterschappen, ASN Bank, NWB Bank, Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW), Stichting Vivace, Unie van Waterschappen, FLORON / RAVON, IVN Natuureducatie, Vlinderstichting en Waterdiertjes.nl.

De tien waterschappen zijn: hoogheemraadschap van Delfland, hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, hoogheemraadschap van Rijnland, hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard, hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, waterschap Amstel, Gooi en Vecht, waterschap Brabantse Delta, waterschap De Dommel, waterschap Hollandse Delta en waterschap Vechtstromen.

Terugblik debat mestbeleid Tweede Kamer

17 september 2021

Op 15 september heeft de Tweede Kamer met minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) gesproken over het mestbeleid. Op de agenda stond de Nederlandse inzet voor het 7e actieprogramma Nitraatrichtlijn 2022-2025 (7e NAP).



Op 15 september heeft de Tweede Kamer met minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) gesproken over het mestbeleid. Op de agenda stond de Nederlandse inzet voor het 7e actieprogramma Nitraatrichtlijn 2022-2025 (7e NAP).

De minister heeft een maatregelenpakket voor de landbouw voorgesteld om zo de waterkwaliteit in Nederland te verbeteren. Dat deed ze mede namens de minister en staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Schouten wil de Tweede Kamer, de agrarische sector en andere partijen betrekken bij het opstellen van dat maatregelenpakket. Ze vindt de gezamenlijke verantwoordelijkheid belangrijk.

Forse maatregelen

Tijdens het debat in de Tweede Kamer wezen de BoerBurgerBeweging (BBB), CDA, PVV, VVD, SGP en ChristenUnie op de impact voor de agrarische sector. Zij vinden het een fors maatregelenpakket, waarin onder andere teeltvrije zones en duurzame bouwplannen zitten. De minister zegde toe dat zij voor het herfstreces een economische impactanalyse deelt met de Tweede Kamer.

Belang van waterkwaliteit

D66, ChristenUnie, PvdA, GroenLinks en Partij voor de Dieren wezen in het debat op het belang van een goede waterkwaliteit. Zij zien waterkwaliteit in samenhang met de klimaat-, natuur- en stikstofcrisis. De minister beloofde dat zij de kwalitatieve consequenties aangeeft van derogatie, waaronder de waterkwaliteit en de financiële gevolgen. Derogatie geeft de mogelijkheid om af te wijken van de door de EU vastgestelde norm van 170 kg stikstof uit dierlijke mest per hectare grond.

Kaderrichtlijn Water

Ook komt er een overzicht vanuit het ministerie van IenW naar de Kamer waarin de gevolgen staan als de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) niet gehaald worden. De minister benadrukte dat het forse maatregelenpakket nodig is voor het halen van de doelen van de KRW en Nitraatrichtlijn. En dat de tijd steeds krapper wordt om ze uit te voeren.

Teeltvrije zones

Over de teeltvrijezones meldde minister Schouten dat ze gaat praten met waterbeheerders over de vraag waar deze zones effectief zijn. Teeltvrije zones helpen de waterkwaliteit te verbeteren. Ze hebben ook effect op biodiversiteit en vermindering van gewasbeschermingsmiddelen in het oppervlaktewater. Er wordt een afwegingskader opgesteld met waterbeheerders, wetenschap en de sector over waar en in hoeverre afgeweken kan worden van de teeltvrije zone. Dit kader wordt gedeeld met de Kamer.

Consultatie

De minister wil de Tweede Kamer, de agrarische sector en andere partijen zo snel mogelijk betrekken. Zo kunnen hun inzichten meegenomen worden in de verdere uitwerking. Daarom is er nu een consultatie over de maatregelen. De minister staat open voor wijzigingen. Maar die moeten wel leiden tot tenminste hetzelfde effect op de waterkwaliteit.

Aandacht voor waterkwaliteit hard nodig

De Unie van Waterschappen is blij dat er meer aandacht lijkt te zijn voor waterkwaliteit in het ontwerp van het 7e actieprogramma Nitraatrichtlijn. Deze aandacht is ook hard nodig. Het is nog een flinke klus om in 2027 de doelen van de Kaderrichtlijn Water te halen. De Unie onderzoekt of de nu voorgestelde maatregelen voldoende zijn en bespreekt de uitkomsten met de waterschappen. Hieruit volgt een inhoudelijke zienswijze die de Unie zal indienen bij LNV.

> Ontwerp 7e actieprogramma Nitraatrichtlijn

7e actieprogramma Nitraatrichtlijn: meer aandacht voor waterkwaliteit

8 september 2021

In een brief naar de Tweede Kamer heeft de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, mede namens de minister en staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, een maatregelenpakket voorgesteld voor de landbouw om de waterkwaliteit in Nederland te verbeteren.



De Unie van Waterschappen vindt het goed dat er meer aandacht lijkt te zijn voor waterkwaliteit. Deze aandacht is ook heel hard nodig. Het is nog een flinke opgave om in 2027 de doelen van de Kaderrichtlijn Water te halen.

Mix van faciliteren en verplichten

Daarbij is de Unie voorstander van een combinatie van vrijwillige maatregelen en maatregelen die in de landelijke mestwetgeving of waterwetgeving kunnen worden opgenomen. Maatregelen die ervoor zorgen dat meststoffen beschikbaar zijn voor het gewas (goed voor de agrariër) en niet uit- en afspoelen (goed voor grond- en oppervlaktewater).

Of de nu voorgestelde maatregelen daar voldoende voor zijn, gaat de Unie onderzoeken en met de waterschappen bespreken. Daarna volgt een reactie met een inhoudelijke zienswijze.

> 7e Actieprogramma Nitraatrichtlijn

Na de Stikstofcrisis Een Watercrisis?

15 juli 2021

Als de doelen van de Kaderrichtlijn Water niet worden gehaald, dreigt er dan een watercrisis die vergelijkbaar is met de stikstofcrisis? Daarover stelde Kamerlid Derk Jan Eppink (JA21) Kamervragen aan de demissionair minister van Infrastructuur en Waterstaat, Cora van Nieuwenhuizen.



Eppink stelde de vragen naar aanleiding van artikelen in Trouw en het Nederlands Dagblad.

Kaderrichtlijn Water

De minister antwoordde dat Nederland risico’s loopt als we in 2027 niet voldoen aan de eisen van de Kaderrichtlijn Water (KRW). Volgens haar is het onder bepaalde voorwaarden wel mogelijk om minder strenge doelen vast te stellen voor specifieke waterlichamen.

Nederland niet op slot

De minister verwacht niet dat een rechter Nederland vóór 2027 ‘op slot gaat zetten’. Of dit na 2027 gebeurt, hangt af van de volledigheid van het maatregelenpakket tot 2027. En het hangt ook af van de mate waarin Nederland in staat is om de motivatie voor het gebruik van de uitzonderingsgronden goed te onderbouwen.

Waterschappen

Ook de waterschappen moeten zich nog inspannen om hun deel van de KRW-doelen te halen. Het gaat daarbij in de eerste plaats om het uitvoeren van de maatregelen die de waterschappen hebben opgevoerd in de stroomgebiedbeheerplannen. Daarnaast spelen de waterschappen een rol bij het goed in kaart brengen van de effecten van landbouwemissies op de waterkwaliteit.

Bekijk de antwoorden van de minister