Nederland rondt EU-rapportage af

29 juni 2022

Dankzij de gezamenlijke inspanning van Rijkswaterstaat en het Informatiehuis Water heeft Nederland op 28 juni 2022 de EU-rapportage over de Stroomgebiedbeheerplannen 2022-2027 succesvol afgerond. Nederland is het eerste land dat de elektronische rapportage bij de Europese Commissie heeft ingediend.



De afgelopen jaren hebben beleidsmedewerkers, waterbeheerders en het Informatiehuis Water alle voor de Stroomgebiedbeheerplannen relevante, informatie geïnventariseerd en in het Waterkwaliteitsportaal vastgelegd.  De rapportage aan de Europese Commissie is de laatste stap in dit proces. Hiervoor moet de verzamelde informatie omgezet worden in het vereiste EU-formaat. In Nederland dragen Rijkswaterstaat en het Informatiehuis Water zorg hiervoor. 

Gegevens Kaderrichtlijn Water

De formele deadline voor de rapportage aan de Europese Commissie was 22 maart 2022. Door onder andere problemen in de EU-programmatuur voor de elektronische rapportage is het nog geen enkele lidstaat gelukt om zijn Kaderrichtlijn Water gegevens te rapporteren. Tot 28 juni, nu Nederland haar KRW-gegevens succesvol heeft gerapporteerd.

Gezamenlijke prestatie

Het Informatiehuis Water bedankt iedereen die zich heeft ingespannen voor de rapportage over Stroomgebiedbeheerplannen 2022-2027, in het bijzonder de waterbeheerders voor het jaarlijks actualiseren van hun gegevens voor de Kaderrichtlijn Water.

Minister moet aan de slag met aangenomen moties over water

28 juni 2022

Op 28 juni stemde de Tweede Kamer over de moties naar aanleiding van het Commissiedebat water van 7 juni. Op het gebied van waterkwaliteit en woningbouw werden verschillende moties aangenomen.



Waterkwaliteit

Partij voor de Dieren wil er met een motie voor zorgen dat de regering zich maximaal inspant om de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) in 2027 te halen. Fractielid Eva van Esch wil dat de minister op korte termijn actieplannen opstelt om de uitspoeling van meststoffen te verminderen, het gebruik van landbouwgif te beperken en de lozingsvergunningen van de industrie aan te scherpen.

Uniforme meetmethode

VVD en SGP pleiten voor een uniforme meetmethode binnen de Kaderrichtlijn Water. Zij stellen dat er in Europa verschillende meetcriteria gehanteerd worden bij het meten van de waterkwaliteit. Door de systematiek ontstaat er volgens de indieners een vertekend beeld over onze waterkwaliteit in verhouding tot andere Europese wateren.

De Unie vindt het belangrijk dat alle betrokken partijen zich inzetten om de KRW-doelen te halen. De meetsystematiek voor de waterkwaliteit van grondwater verschilt inderdaad: er wordt in de lidstaten op verschillende dieptes gemeten vanwege de verschillen in ondergrond tussen landen. Ook meten we in Nederland wat meer stoffen dan in sommige andere landen.

Nationaal Programma Landelijk Gebied

De gebiedsprogramma’s in het Nationaal Programma Landelijk Gebied moeten ook beoordeeld worden op waterbeschikbaarheid. Dat is de uitkomst van een aangenomen motie van D66. De programma’s moeten herzien worden als ze de achteruitgang in diverse watertypes niet voorkomen. De Unie steunt dit.

Grondwater

Laura Bromet van GroenLinks wilde met een motie bereiken dat er een prioritering wordt uitgewerkt voor het gebruik van grondwater. Ze wil daarmee voorkomen dat door onttrekkingen van grondwater voor commerciële doelen schade aan de natuur wordt aangebracht. Deze motie werd verworpen.

Woningbouw

Er werden 2 moties van de ChristenUnie over woningbouw aangenomen. De ene motie zorgt ervoor dat voor potentiële woningbouwlocaties risicoprofielen worden gemaakt waarin hevige regenval, wateroverlast en dijkdoorbraken worden meegenomen.

De andere motie gaat over het bouwrijp maken van woningbouwlocaties in zettingsgevoelige gebieden. Dat zijn gebieden met slappe gronden waarin (niet goed gefundeerde) constructies kunnen wegzakken. ChristenUnie-Kamerlid Pieter Grinwis vraagt of er beter rekening kan worden gehouden met de kosten van het bouwrijp maken van dit soort locaties.

De Unie vindt deze moties een steun voor het pleidooi dat water en bodem sturend moeten zijn in de ruimtelijke ordening.

Een motie van GroenLinks die een stop wil op woningbouwlocaties in diepe polders met slappe bodems, uiterwaarden of buitendijkse gebieden, kreeg geen Kamermeerderheid.

Aandacht voor water bij commissiedebat Datacenters in Tweede Kamer

24 juni 2022

Op 23 juni vond in de Tweede Kamer het commissiedebat Datacenters van Economische Zaken en Klimaat plaats. In dit debat was er veel aandacht voor de effecten van datacenters op de waterkwaliteit en de waterkwantiteit.



Bij het debat waren de minister de Jonge voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, minister Jetten voor Klimaat en Energie en minister Adriaansens van Economische Zaken en Klimaat aanwezig. De aanwezigheid van maar liefst 3 ministers laat zien dat het onderwerp Datacenters veel aspecten raakt, waaronder ook water.

Betrek de waterschappen

De ChristenUnie en D66 riepen de minister op om de waterschappen te betrekken bij het besluit over de locatie van datacenters. Ook zou het bouwen van hyperscale datacenters niet passen binnen de huidige natuur- en watercrisis, volgens de Partij voor de Dieren. Hyperscale datacenters zijn speciaal gebouwd voor de servers van grote techbedrijven zoals Google, Amazon en Facebook.

Koelen van datacenters

Vooral het gebruik van water voor het koelen van de datacenters werd besproken. ChristenUnie en GroenLinks stelden voor om datacenters langs de kust te bouwen. Hier kunnen ze gebruikmaken van de groene energie van windmolens, en zeewater gebruiken voor koeling. Ook andere alternatieven voor het gebruik van oppervlakte- en drinkwater kamen aan bod. Zo vond de VVD dat er gekeken moet worden naar koelen met vloeistof. D66 noemde een gesloten watersysteem als mogelijke oplossing.

Jaarverslag Deltaplan Agrarisch Waterbeheer 2021 verschenen

10 juni 2022

Het jaarverslag van het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer (DAW) over 2021 is verschenen. In dit tweede coronajaar werden de fysieke gesprekken tussen boeren en tuinders, het waterschap en andere partijen gemist. Toch zijn er ondanks alle beperkingen 27 projecten bijgekomen, succesvolle regionale projecten landelijk uitgerold en projecten afgerond.



In het jaarverslag wordt ook naar de toekomst gekeken. Te lezen is hoe het DAW de komende jaren grotere stappen wil zetten, zoals de focus op monitoring en wateropgaves in de regio tot uitvoering brengen.

Praktijkverhalen

Verder staan in het jaarverslag praktijkverhalen en een impressie van de verscheidenheid aan projecten die onder het DAW vallen. Ook staan er voorbeelden in van hulpmiddelen die voor boeren en tuinders zijn ontwikkeld om gericht te werken aan schoon en voldoende water en een gezonde bodem.

Vrijwillige maatregelen

In het DAW gaat dit alles samen met verbetering van de agrarische bedrijfsvoering. “Juist de combinatie van boeren en tuinders die vrijwillig maatregelen nemen die goed zijn voor hun bodem, gewas of vee en waarmee tegelijkertijd wordt gewerkt aan de wateropgave blijft de basis van het DAW.” Dat schrijven de DAW-bestuurders Sander Mager (Unie van Waterschappen) en Tineke de Vries (voormalige bestuurder Bodem en Water LTO) in het voorwoord van het jaarverslag.

Bredere toepassing

“Het DAW geeft agrariërs de ruimte om zelf aan het stuur te zitten om naar doelen toe te werken”, schrijven Mager en De Vries verder. “We willen onze impact de komende jaren nog groter maken door nog meer samen te werken en samen meer DAW-maatregelen uit te voeren. Het is belangrijk om te onderbouwen hoe het DAW bijdraagt aan de doelen en wat we met het DAW gezamenlijk hebben bereikt tot nu toe. Zo gaan we sneller van aansprekende voorbeeldprojecten naar bredere toepassing.”

Lees het Jaarverslag Deltaplan Agrarisch Waterbeheer 2021

Over de foto: Het Bestuurlijk Overleg DAW neemt het jaarverslag in ontvangst. Van Links naar rechts: Sander Mager (Unie van Waterschappen), Hans Kuipers (IPO), Sjaak van der Tak (LTO Nederland), Marije Beens (ministerie van LNV) en Mattie Busch (ministerie van IenW). Foto Dirk Hol

Aandacht voor water en bodem als sturende principes in commissiedebat Water

9 juni 2022

Op dinsdag 7 juni vond in de Tweede Kamer het commissiedebat Water plaats. Meerdere aspecten van waterkwaliteit en -veiligheid zijn besproken. Veel Kamerleden haalden, al dan niet met eigen anekdote, zowel droogte als overstromingen aan als problemen waar we in de toekomst meer mee te maken zullen gaan krijgen.



In lijn hiermee werd ook het belang van water en bodem als sturende principes voor de ruimtelijke ordening nogmaals benadrukt. De Kamerleden zagen allemaal het belang van water en bodem in, maar het riep bij onder andere Ja21, GroenLinks en de VVD de vraag op hoe dit er concreet uit zal gaan zien. In hoeverre pakt de minister hierin zijn regierol? En wat voor gevolgen zou dit kunnen hebben voor de woningbouwopgave?

De minister gaf aan dat hij zeker de regierol wat betreft water pakt, maar dat samenwerking met andere overheden essentieel is. De minister werkt aan kaders die meegenomen moeten worden bij woningbouw en het Nationaal Programma Landelijk Gebied. Deze kaders moeten 1 oktober gereed zijn. Ook gaf hij aan dat waterschappen eerder betrokken gaan worden bij de planvorming. De ChristenUnie riep de waterschappen ook op om nu assertief te zijn bij de locatiekeuze voor woningbouw. Zodat problemen in de toekomst worden voorkomen.

Kaderrichtlijn Water

De Kaderrichtlijn Water wekte ook veel vragen op. Gaan de doelen gehaald worden? En met name, hoe gaan de doelen bereikt worden? De minister antwoordde hierop dat de inzet is om in 2027 te voldoen aan het doel van de KRW: het behalen van goede waterkwaliteit. De individuele doelen zullen volgens de minister alleen niet bereikt zijn, maar de KRW staat dit toe. Meerdere partijen benadrukten de noodzaak om de kansen en middelen van het stikstofbeleid aan te grijpen om de waterkwaliteit te verbeteren.

Ook werd gevraagd of de herkomst van vervuiling duidelijk is. De minister gaf aan dat dit het geval is en heeft toegezegd om een overzicht te maken van de middelen die het Rijk en de waterschappen inzetten om  te voldoen aan de KRW.

Maaibeleid waterschappen

De ChristenUnie stelde een vraag over het maaibeleid van de waterschapen. Maaisel zou niet goed worden afgevoerd en hierdoor voor vervuiling in het water zorgen. De minister beaamde dat er bij het maaibeheer rekening gehouden moet worden met natuurwaarden. Bij het Bestuurlijk Overleg Water zal de minister hierover in gesprek gaan met de waterbeheerders.

Waterschappen hebben vragen over gewasbescherming

8 juni 2022

Op 8 juni staat een Commissiedebat Gewasbescherming met minister Henk Staghouwer en staatssecretaris Vivianne Heijnen gepland. Op de agenda staat het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie gewasbescherming 2030. De waterschappen zijn benieuwd hoe het staat met de plannen rond de waterkwaliteitsverbetering in de landbouw.



De kwaliteit van het oppervlaktewater in land- en tuinbouwgebieden is langzaam aan het verbeteren. Helaas voldoet de waterkwaliteit nog niet aan de eisen van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW).

Doelstelling voor 2030

Er is een programma waarin onder meer wordt gewerkt aan de verbetering van die waterkwaliteit: het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie gewasbescherming 2030. Eén van de doelstellingen uit dat programma is dat gewassen in 2030 worden geteeld nagenoeg zonder emissies naar het milieu.

Deeldoelstellingen

In 2023 moet het aantal normoverschrijdingen van de milieukwaliteitsnormen voor gewasbeschermingsmiddelen in oppervlaktewater met 90 procent gedaald zijn ten opzichte van 2013. In 2027 mogen er nagenoeg geen emissies van gewasbeschermingsmiddelen vanaf erf en gebouwen meer zijn. Ook moeten er dan geen normoverschrijdingen van de milieukwaliteitsnormen voor gewasbeschermingsmiddelen in oppervlaktewater meer zijn. In 2030 mogen er nagenoeg geen emissies meer zijn van gewasbeschermingsmiddelen vanuit de open teelten.

Voortgang

De waterschappen zijn benieuwd wat de voortgang is van de acties om deze doelen te realiseren. Ook willen ze graag weten hoe het evaluatietraject eruit gaat zien voor de doelen die in 2023 gerealiseerd moeten zijn.

Lees de hele inbreng

Waterschappen reageren op nieuw rapport waterkwaliteit

2 juni 2022

Onderzoekers van Witteveen+Bos waarschuwen in hun rapport 'Gaat Nederland de KRW-doelen halen?' dat er mogelijk een juridische crisis kan ontstaan wanneer de waterkwaliteitsdoelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) niet worden gehaald in Nederland. De Unie van Waterschappen onderstreept de geuite urgentie in het rapport.



In het rapport wordt verwezen naar eerdere metingen van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Daaruit blijkt dat minder dan 1 procent van de Nederlandse rivieren, beken en meren voldoet aan alle Europese normen. Het rapport is in lijn met de stroomgebiedbeheerplannen van de verschillende Nederlandse waterbeheerders en de Kamerbrief die minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat in november 2021 stuurde.

Gezamenlijke inspanning

Sander Mager, portefeuillehouder waterkwaliteit in het bestuur van de Unie van Waterschappen: “Het halen van de doelen van de Kaderrichtlijn Water wordt spannend. Het gaat niet vanzelf goed komen en ook niet zonder pijn. De waterschappen hebben de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in het verbeteren van de waterkwaliteit. We werken hard om de doelen van de KRW te halen, maar ook landbouw, industrie en het Rijk zijn aan zet. Een goede waterkwaliteit is haalbaar in Nederland, maar niet als we de gebruiksdruk op het water alleen maar laten toenemen.”

Probleemstoffen

In het rapport komen ook industriële lozingen aan bod. Een aantal probleemstoffen zoals zink, zilver en microplastics komen ook in het water via consumentenproducten, bouwmateriaal uit de bouw en de inrichting van de openbare ruimte. Mager: “Een structurele aanpak van dergelijke diffuse bronnen vraagt om een meer circulaire economie en soms een ander consumptiepatroon. Het rapport vraagt terecht om een bronaanpak. Dat zal geen makkelijke opgave worden, omdat we ook als consumenten daar wat van merken.”

Gezamenlijke inspanning

Volgens de Unie van Waterschappen is een gezamenlijke inspanning de voorwaarde om de KRW-doelen te halen. Mager: “We zijn blij dat het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG) een belangrijke stap kan zijn om de doelen dichterbij te halen. Waterkwaliteit is naast klimaat en stikstof één van de pijlers van dit programma. Er zijn duurzame keuzes nodig, want het huidige systeem is niet houdbaar.”

> Rapport Gaat Nederland de KRW-doelen halen?

Waterpoort: Hoe staan we ervoor met de Kaderrichtlijn Water?

31 mei 2022

Op 30 mei vond de eerste editie van de heropgerichte Waterpoort plaats in Perscentrum Nieuwspoort. Samen met Vewin, de vereniging van drinkwaterbedrijven, organiseerde de Unie van Waterschappen een paneldiscussie over wat er nodig is om de doelen van de Kaderrichtlijn Water (KRW) te halen.



Gespreksleider Elisabeth van den Hoogen opende de Poort met een kort interview met Rogier van de Sande en Peter van der Velden, voorzitters van de Unie van Waterschappen en Vewin. Beiden gingen in op de opmerking van minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat dat Nederland de doelen van de KRW niet ging halen. Mag hij zoiets zeggen, was de vraag. Van der Velden vindt van niet. Toch ziet Van de Sande in waarom Harbers de uitspraak deed: “Hij heeft de plicht om de urgentie van waterkwaliteit duidelijk te maken. Hopelijk wordt dat door deze uitspraak duidelijk.”

Aanpakken bij de bron

De aanwezigen waren het erover eens dat bronbeleid onmisbaar is om de doelen van de KRW te halen. Maar niet alleen bronbeleid is belangrijk. Ook zijn gebiedsgerichte maatregelen nodig, zei Fahid Minhas, waterwoordvoerder voor de VVD. Volgens hem mag het Rijk daarin ook meer de regie pakken. Zij moeten zich tenslotte namens Nederland verantwoorden naar Europa toe.

Geef waterschappen een taak

Sander Mager, bestuurder bij de Unie van Waterschappen, vertelde dat het huidige beleid van waterschappen niet gebaseerd is op het aanpakken bij de bron. Dat is wel nodig en daarin ligt een grote opgave. Daarom vragen de waterschappen ook aan het Rijk om hen een taak te geven.

Een sluipend probleem

Om de urgentie te voelen en door te pakken, is een crisis nodig. Maar waterkwaliteit vormt een sluipend probleem. Het is daarom belangrijk om niet nog meer plannen te maken, maar juist de plannen die er liggen uit te voeren. Wim Drossaert, bestuurder bij Vewin, pleitte er daarom voor om nu maatregelen te nemen en ons niet te verschuilen achter andere problemen zoals droogte.

Watertransitie nodig

Duidelijk voor alle aanwezigen was dat er een watertransitie nodig is. Als samenleving moet Nederland leren anders met water om te gaan. Minhas gaf aan dat het lastig is om dat aan mensen duidelijk te maken. “Het raakt ze niet in de portemonnee zoals dat bijvoorbeeld met energie wel gebeurt.”

Volgende Waterpoort

De volgende Waterpoort is op 29 september 2022. Deze zal gaan over de woningbouw en water.

Waterschappen: verbied professioneel gebruik gewasbeschermingsmiddelen buiten de landbouw

30 mei 2022

Op 1 juni behandelt de Tweede Kamer de Wijziging van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. De waterschappen hebben de Kamerleden een aantal aandachtspunten meegegeven. Het gebruik van dit soort middelen heeft immers veel invloed op de waterkwaliteit.

Een veld bloembollen aan het water

De waterschappen vinden dat het professioneel gebruik van gewasbeschermingsmiddelen op verharde terreinen (zoals bestrating) en onverharde terreinen (zoals parken) buiten de land- en tuinbouw verboden moet worden.

Verbod opnieuw van kracht

Dat verbod gold al tussen 2017 en 2020. Maar in november 2020 heeft het Gerechtshof in Den Haag uitspraak gedaan waardoor het gebruik weer werd toegestaan. Het wetsvoorstel dat de Kamer nu bespreekt, zorgt ervoor dat het verbod opnieuw van kracht wordt.

Waterschappen steunen wetswijziging

De waterschappen steunen deze wetswijziging. Gewasbeschermingsmiddelen hebben immers negatieve effecten op de kwaliteit van het oppervlaktewater en de in het water levende planten en dieren.

Gebruik door particulieren

Het wetsvoorstel regelt ook de wettelijke grondslag om in de toekomst een verbod op het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen door particulieren in te stellen. Waterschappen zijn voorstander van zo’n verbod.

Gebruik in de landbouw

Voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de landbouw zijn in 2020 afspraken gemaakt met als doel om in 2027 de doelen van de Kaderrichtlijn Water te halen. Ook moeten in 2030 de emissie van gewasbeschermingsmiddelen vanuit de land- en tuinbouw tot nagenoeg nul zijn teruggebracht.

Lees de hele inbreng

Dit vindt de Unie van het beleidsprogramma Infrastructuur en Waterstaat

27 mei 2022

Op 17 mei heeft minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat het beleidsprogramma van zijn ministerie naar de Tweede Kamer gestuurd. De Unie van Waterschappen is positief over hoe de thema’s rond water en ruimtelijke ordening zijn geborgd in het programma. Wel mist de Unie een ambitieus beleid rond waterkwaliteit.



De eerste prioriteit van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) ligt bij de instandhouding van de infrastructuur en de vergunningverlening en handhaving. Ook de waterschappen zien dit als een belangrijk aandachtspunt. De Unie van Waterschappen maakt zich zorgen dat de versterking in dit huidige tempo te langzaam gaat en er daardoor incidenten blijven optreden.

Deltafonds wordt aangevuld

De minister geeft verder aan dat het Deltafonds vanaf 2026 structureel met 250 miljoen euro wordt aangevuld om achterstanden weg te werken en het Deltaprogramma te versnellen. Vergunningverlening, toezicht en handhaving worden versterkt door aanpassingen in opleidingen, kennis, data en monitoring. Hiervoor wordt 18 miljoen euro gereserveerd.

Water en bodem leidend

In het onderdeel over Water en Bodem staat hoe er invulling wordt gegeven aan de ambitie van het kabinet om water en bodem meer leidend te laten zijn voor de ruimte. Dit wordt voor oktober uitgewerkt voor de zandgronden, veenweidegebieden, diepe polders, ruimte voor het watersysteem en stedelijk gebied. Dit gebeurt tegelijk met de aanpak van grote opgaven zoals woningbouw en het Nationaal Programma Landelijk Gebied. Het is belangrijk dat er concrete handvatten komen voor hoe water en bodem leidend kunnen zijn ruimtelijke plannen. Er moet volgens de Unie nog een slag worden geslagen in die concretisering.

Klimaatadaptatie ontbreekt

De Unie van Waterschappen mist klimaatadaptatie. Er wordt wel aangegeven dat er voor het hoofdwatersysteem meer ruimte wordt gereserveerd voor water. Maar aandacht voor de regionale watersystemen en benodigde maatregelen om wateroverlast te beperken ontbreekt. Ook vindt de Unie het opvallend dat er niets over een dwingender karakter van de watertoets terugkomt in het beleidsprogramma.

Zorg over aanpak waterkwaliteit

Ook bestaande ambities en hoe die moeten worden waargemaakt hebben een plek gekregen in het beleidsprogramma. In 2027 moeten de Europese waterkwaliteitsdoelstellingen (Kaderrichtlijn Water) worden gerealiseerd. Het beleidsprogramma beschrijft de al in gang gezette aanpak. Hiervoor wordt naast bestaande beleidssporen ingezet op de regionale aanpak van het Nationaal Programma Landelijk Gebied. Dat zijn gebiedsplannen die onder regie van de provincies in juni 2023 klaar moeten zijn. De Unie van Waterschappen vindt het zorgelijk dat de waterkwaliteitsaanpak in dit programma beperkt blijft tot de beekdalen, terwijl het vraagstuk breder is. In 2024 wordt de voortgang van de waterkwaliteitsaanpak breed geëvalueerd. Veel zal afhangen van de resultaten die dit oplevert.

Kader voor herbruikbare stoffen

Het beleidsprogramma IenW gaat terecht in op circulariteit. Hergebruik van grondstoffen, zoals effluent en fosfaat, worden steeds belangrijker. Maar dat is alleen haalbaar als er een duidelijke strategie geformuleerd wordt. Er zijn keuzes nodig op het gebied van stoffenbeleid. In de huidige praktijk is hergebruik lastig. Dat komt doordat er geen werkbaar afwegingskader is voor de kwaliteit van herwinbare stoffen en het voorkómen van verontreinigingen in de gebruiksfase. De Unie van Waterschappen ziet graag dat daar een goed kader voor komt.

> Beleidsprogramma Infrastructuur en Waterstaat