Aangenomen moties uit Wetgevingsoverleg Water

29 november 2022

In het Wetgevingsoverleg Water op 21 november stonden verschillende wateronderwerpen op de agenda. Op 29 november heeft de Tweede Kamer gestemd over de moties die ingediend zijn bij het Wetgevingsoverleg Water.



Er werden meerdere moties over de Kaderrichtlijn Water (KRW) ingediend. Hiervan zijn 2 moties aangenomen: de motie om innovaties voor de landbouw te toetsen op het doelbereik van de KRW en de motie over vervuiling vanuit andere landen mee laten wegen in de KRW. De Unie van Waterschappen is blij dat de eerste motie is aangenomen. Dit past goed bij het principe van water en bodem sturend en geeft aan dat er rekening gehouden moet worden met de waterkwaliteit bij (landbouw) innovaties. Bij de motie over het mee laten wegen van vervuiling vanuit andere landen, zien de waterschappen dat het belangrijk is dat zowel inzet van Nederland als buitenland nodig is om aan de KRW te voldoen. Deze motie kan dat mogelijk ondergraven.

Grondwateronttrekkingen

Ook zijn meerdere moties ingediend rondom het onderwerp grondwateronttrekkingen. De Tweede Kamer heeft ingestemd met één motie. In deze motie wordt de regering verzocht om in overleg met decentrale overheden te inventariseren of activiteiten waarbij grondwater wordt onttrokken een watervergunning vereisen, en hoeveel. De andere moties, over een vergunningplicht voor grondwaterputten en een vergunningplicht voor alle activiteiten met een negatief effect op het grondwaterpeil, zijn verworpen.

Zeespiegelstijging

Een motie van ChristenUnie om in het kennisprogramma Zeespiegelstijging de haalbaarheid van de ‘Hollandkering’ te onderzoeken is aangenomen. De Unie ziet dat dit goed binnen het kennisprogramma past. Het gaat om een verkenning van ‘zeewaarts’ uitbreiden vanwege een versnelde zeespiegelstijging.

Eerste Kamer stemt in met initiatiefwetsvoorstel geborgde zetels

De Eerste Kamer heeft op 29 november het initiatiefwetsvoorstel geborgde zetels van Tweede Kamerleden Laura Bromet (GroenLinks) en Tjeerd de Groot (D66) aangenomen. Deze wet heeft belangrijke gevolgen voor het stelsel van geborgde zetels in waterschapsbesturen.



De geborgde zetels voor de categorie bedrijven in het waterschapsbestuur worden geschrapt. De geborgde zetels voor de categorieën ongebouwd en natuurterreinen blijven bestaan. Verder wordt het aantal geborgde zetels teruggebracht. In de huidige situatie zijn dat er 7 tot 9. Dit worden voortaan 4 geborgde zetels per waterschap. Dat betekent dat de categorieën ongebouwd en natuurterreinen voortaan ‘standaard’ 2 zetels krijgen. Daarnaast komt de verplichte geborgde zetel in het dagelijks bestuur van het waterschap te vervallen.

Inwerkingtreding wet

Er volgt een gefaseerde inwerkingtreding van de wet. Doordat het hoogstwaarschijnlijk praktisch niet meer lukt het wetsvoorstel voor 19 december 2022 in het Staatsblad te krijgen, zal de vermindering van het aantal geborgde zetels pas doorgevoerd worden bij de waterschapsverkiezingen van 2027. Wel zal de verplichte geborgde zetel in het dagelijks bestuur al eerder vervallen, door de aangenomen motie van Eerste Kamerlid Kluit (GroenLinks). Dat onderdeel kan praktisch nog wel doorgevoerd worden voor de waterschapsverkiezingen van 15 maart 2023.

Een motie van Eerste Kamerlid Van Dijk (SGP) kreeg geen meerderheid. Deze motie verzocht de initiatiefnemers via een zogenoemde novelle het wetsvoorstel zo te wijzigen dat ook de categorie bedrijven 2 geborgde zetels per waterschap krijgt.

Unie van Waterschappen is neutraal

De Unie van Waterschappen heeft vanwege de verscheidenheid aan opvattingen bij de waterschapsbestuurders een neutrale positie ingenomen bij de behandeling van dit wetsvoorstel. Wel heeft de Unie gedurende het hele wetstraject steeds gewezen op het belang van een tijdige afronding met het oog op de waterschapsverkiezingen in maart 2023.

Eerste Kamer stelt stemming initiatiefwetsvoorstel geborgde zetels uit

22 november 2022

De Eerste Kamer heeft op 22 november besloten om de stemming over het initiatiefwetsvoorstel geborgde zetels bij waterschappen van Tweede Kamerleden Laura Bromet (GroenLinks) en Tjeerd de Groot (D66) met een week uit te stellen. Er wordt nu op 29 november gestemd.



Gepland was om 22 november te stemmen na het plenaire debat van de avond ervoor. Tijdens dat debat werden 2 moties ingediend. De eerste motie werd ingediend door Diederik van Dijk van de SGP. De motie vraagt de initiatiefnemers om met een nieuw voorstel te komen (een zogenaamde novelle) waarin ook de categorie Bedrijven per waterschap 2 geborgde zetels krijgt.

Gefaseerde inwerkingtreding

De tweede motie werd ingediend door Saskia Kluit van GroenLinks. Deze motie beoogt een gefaseerde inwerkingtreding van het wetsvoorstel. Als de wetswijziging niet uiterlijk op 19 december 2022 gepubliceerd wordt in het Staatsblad, dan verandert er voor de komende waterschapsverkiezingen alleen dat er niet meer verplicht een geborgde in het dagelijks bestuur zit. De andere wijzigingen gaan in bij de waterschapsverkiezingen van 2027.

Waterschappen leveren inbreng voor Wetgevingsoverleg Water

10 november 2022

Op 21 november staat in de Tweede Kamer het jaarlijkse wetgevingsoverleg Water op de agenda. De waterschappen geven de Kamerleden een aantal aandachtspunten mee.



Water en bodem sturend

In het regeerakkoord staat dat water en bodem sturend worden in de ruimtelijke planvorming. Het landgebruik moet dus passen bij water en bodem. Er zijn echter plannen om te gaan bouwen in ‘overstroombaar’ Zuid-Holland. De waterschappen zijn benieuwd hoe zich dat verhoudt tot het uitgangspunt van water en bodem sturend. Hoe borgt de minister van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) dit uitgangspunt in de landelijke kaders voor de woningbouwopgave, maar ook voor het landelijk gebied?

Waterkwaliteit en opkomende stoffen

Er zijn concrete acties nodig om meer grip te krijgen op de uitstoot van gevaarlijke stoffen via indirecte industriële lozingen op de rioolwaterzuiveringen. De waterschappen zijn voorstander van een bronaanpak: wat er niet in komt, hoeft er ook niet uit. De waterschappen willen weten of de staatssecretaris van IenW aandacht heeft voor snelheid in de aanpak van gevaarlijke (opkomende) stoffen.

Waterkwaliteit en het NPLG

Waterkwaliteit is één van de opgaven van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG). Voor de invulling van waterkwaliteit in de gebiedsgerichte aanpak zijn maatregelen nodig voor het verminderen van uitstoot van stoffen naar het oppervlaktewater. Denk aan stikstof, fosfor en gewasbeschermingsmiddelen. De waterschappen vragen hoe de minister van IenW ervoor zorgt dat de waterkwaliteitsopgaven binnen de aanpak van het NPLG worden uitgewerkt vóór deadline van de Kaderrichtlijn Water in 2027.

Herziening belastingstelsel waterschappen

Het ministerie van IenW werkt aan een wetsvoorstel dat de herziening van het belastingstelsel van de waterschappen mogelijk maakt. De waterschappen zijn tevreden over de inhoud van het wetsvoorstel. Uit de reacties in de recent afgeronde consultatie bleek dat het voorstel op brede steun kan rekenen. De waterschappen hopen op een voortvarend vervolg van het wetgevend traject, zodat ze met ingang van 2025 kunnen werken met het nieuwe stelsel.

> Lees de hele inbreng

Stemmingen moties vergoedingen AB-leden en kosteloze betalingsherinneringen

19 oktober 2022

Op 18 oktober stemde de Tweede Kamer over de moties die de week ervoor werden ingediend bij de behandeling van de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). 2 moties zijn relevant voor de waterschappen.



Vergoeding AB-leden

De Tweede Kamer heeft met een overgrote meerderheid een motie van de SGP aangenomen over de vergoeding van Provinciale Statenleden en Algemeen Bestuursleden van de waterschappen. Het Rijk gaat over de hoogte van de vergoedingen.

Ruimhartiger verhoging

De SGP riep in haar motie op om in overleg te gaan met het IPO en de Unie van Waterschappen om tot een ruimhartiger verhoging van de voorgestelde vergoeding voor Statenleden en AB-leden te komen. De Unie had op 12 oktober ook vragen gesteld aan BZK over de tarieven die het Adviescollege Rechtspositie Politieke Ambtsdragers heeft voorgesteld aan BZK. De onderbouwing bij de tarieven ontbrak immers. Het Adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers heeft het voorstel voor de nieuwe tarieven op verzoek van BZK gemaakt.

Kosteloze betalingsherinnering

Ook een motie van D66 over de betalingsherinnering voor belastingen werd aangenomen. D66 wil dat het kabinet overheidsinstanties (zoals waterschappen en gemeenten) oproept om eerst een kosteloze betalingsherinnering te sturen als een rekening niet op tijd is betaald. D66 wil daarnaast dat het kabinet onderzoekt of dat verplicht kan worden gemaakt. Tot nu toe is de keuze aan de waterschappen zelf of zij eerst een betalingsherinnering (zonder kosten) naar inwoners sturen of dat zij meteen een aanmaning (met kosten) sturen. Dat bij een aanmaning kosten in rekening worden gebracht, is wettelijk verplicht.

Beleid waterschappen

Het beeld uit een korte rondvraag van de Unie onder een deel van de waterschappen is dat de waterschappen verschillende keuzes maken, maar dat de meeste waterschappen als beleid hebben dat er eerst een kosteloze betaalherinnering naar de inwoner wordt gestuurd als diegene de belastingaanslag niet op tijd heeft betaald. Sommige waterschappen laten de keuze of er wel of niet eerst een kosteloze betaalherinnering wordt gestuurd, afhangen van het betaalgedrag van de inwoner. In alle gevallen informeren de waterschappen hun inwoners goed over het beleid en de manieren waarop inwoners die de belasting niet kunnen betalen, door het waterschap geholpen kunnen worden.

Bestuurlijke vrijheid

Een wettelijke verplichting om altijd eerst een kosteloze herinnering te versturen, vindt de Unie niet wenselijk. De Unie vindt de bestuurlijke vrijheid van waterschapsbesturen belangrijk. Zij moeten afhankelijk van hun gebied zelf kunnen invulling geven aan hun beleid.

Sander Mager herbenoemd als bestuurslid Unie van Waterschappen

14 oktober 2022

De ledenvergadering van de Unie van Waterschappen heeft Sander Mager op 14 oktober herbenoemd als bestuurslid. Hij is ook vicevoorzitter van de vereniging van de 21 Nederlandse waterschappen. De herbenoeming is voor een termijn van 3 jaar.

Sander Mager -bestuurslid Unie van Waterschappen

Sander Mager is sinds 2019 bestuurslid van de Unie van Waterschappen. Daarnaast is hij dagelijks bestuurslid bij waterschap Amstel, Gooi en Vecht. Behalve het vicevoorzitterschap bevat zijn portefeuille bij de Unie van Waterschappen de onderwerpen: waterkwaliteit, waterketen, vergunningverlening en handhaving en duurzaamheid. Binnen dat laatste thema houdt hij zich met name bezig met grondstoffen en circulaire economie.

Brede bestuurlijke blik

Rogier van der Sande, voorzitter van de Unie van Waterschappen, lichtte namens het bestuur de keuze voor de herbenoeming toe: “Sander Mager is niet alleen goed op de hoogte van zijn eigen onderwerpen, maar ook van die van collegabestuurders. Hij heeft daardoor een brede bestuurlijke blik en kan meedenken over verschillende onderwerpen. Daarnaast is hij agenderend op de thema’s binnen zijn portefeuille. Tot slot is hij een fijne bestuurlijke collega om mee samen te werken.”

Vragen in Eerste en Tweede Kamer over wetsvoorstel geborgde zetels

13 oktober 2022

In de Eerste en Tweede Kamer zijn vragen gesteld over het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en D66 over de geborgde zetels van de waterschappen.



Vragen in de Eerste Kamer

In de Eerste Kamer vond begin oktober de tweede schriftelijke ronde over het wetsvoorstel plaats. Het CDA vraagt zich af of de initiatiefnemers nu afstand nemen van hun oorspronkelijke gedachte dat alle geborgde zetels moeten worden afgeschaft. Als dat zo is, wat is dan de meerwaarde van het voorliggende wetsvoorstel? In dat voorstel worden de geborgde zetels beperkt tot 2 voor ongebouwd en 2 voor natuur. Ook krijgen geborgden niet meer standaard een plek in het dagelijks bestuur van een waterschap.

Getrapte verkiezingen

Het CDA oppert verder getrapte verkiezingen voor de geborgden. De vertegenwoordigers van de categorieën Natuur, Landbouw en Bedrijfsleven worden dan binnen hun eigen geledingen gekozen. Tenslotte stelt het CDA voor om de verandering pas met ingang van de volgende waterschapsverkiezingen in 2027 in te laten gaan. De procedures voor de komende verkiezingen in maart 2023 zijn immers al in gang gezet.

Vaste omvang algemeen bestuur

D66 vraagt aan de initiatiefnemers én aan de regering of het mogelijk is om de verschillende onderdelen van het wetsvoorstel op verschillende momenten in te laten gaan. De ChristenUnie vraagt de initiatiefnemers van de wet wat zij vinden van het voorstel voor een vaste omvang van 30 bestuursleden in het Algemeen Bestuur. De Onafhankelijke Senaatsfractie (OSF) vraagt naar de praktische uitwerking van het wetsvoorstel voor de samenstelling van het Algemeen en Dagelijks Bestuur van de waterschappen.

Proces

Als de Eerste Kamer de antwoorden op deze vragen uiterlijk op 4 november heeft ontvangen, kan het wetsvoorstel op 8 november plenair worden behandeld. Ook de voorlichting van de Raad van State moet op die datum binnen zijn.

Vragen in de Tweede Kamer

In de Tweede Kamer stelde Fahid Minhas van de VVD schriftelijke vragen aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat over het wetsvoorstel. Hij vindt dat de lange duur van het behandelproces van het wetsvoorstel onduidelijkheid creëert bij betrokkenen van de waterschapsverkiezingen van maart 2023. Hij wil weten of de minister dat ook vindt.

Duidelijkheid

Minhas vraagt daarom of de minister de provincies en waterschappen de duidelijkheid wil bieden dat er tijdens de komende verkiezingen niets verandert aan het systeem waarop bestuurders van waterschappen worden gekozen. Met het oog op de voorgenomen plenaire behandeling van het wetsvoorstel in de Eerste Kamer hoopt Minhas binnen een week antwoord te krijgen op zijn vragen.

Waterschappen: verhoog de vergoeding van Algemeen Bestuursleden

12 oktober 2022

De vergoeding voor Algemeen Bestuursleden wordt met 3 procentpunt verhoogd tot 38 procent van de vergoeding van een gemeenteraadslid van een middelgrote gemeente. Dat is het advies van het Adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers. De waterschappen hebben het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) in een brief om een toelichting gevraagd.



Deze brief is een reactie op het advies dat het Adviescollege rechtspositie politieke ambtsdragers in juni heeft uitgebracht. Dit advies gaat onder andere over de verhoging van de tarieven voor leden van de algemeen besturen van waterschappen.

Toegenomen taakzwaarte

Waterschappen hebben door taakverzwaring en schaalvergroting inmiddels een begroting en een ambtelijk apparaat vergelijkbaar met een middelgrote gemeente. Het Adviescollege constateert dat de vergoeding van algemeen bestuursleden ontoereikend is, gelet op de toegenomen taakzwaarte. De vergoeding van dijkgraven en dagelijks bestuursleden is gelijkgesteld aan bestuurders in een middelgrote gemeente, maar de vergoeding van algemeen bestuursleden dus niet. In het advies ontbreekt hiervoor de argumentatie. In de brief aan BZK vraagt de Unie daarom om een toelichting.

Verruiming aantal fte in het Dagelijks Bestuur

De waterschappen vragen ook om de positie en omvang van het dagelijks bestuur ter overweging mee te nemen. Zij zien grote maatschappelijke opgaven op zich afkomen die zorgen voor taakverzwaring. De wettelijke omvang van het Dagelijks Bestuur is nu vastgesteld op 3 fte. De waterschappen willen graag een advies van het Adviescollege over een verruiming van het aantal fte, passend bij die taakverzwaring.

Ingangsdatum nieuwe vergoedingen

Tot slot stelt de Unie in de brief voor om de nieuwe vergoedingen per 15 maart 2023 in te laten gaan, dus net na de waterschapsverkiezingen.

Consultatie

Het ministerie van BZK heeft de wijziging van het Rechtspositiebesluit waarin de hoogte van de vergoeding is vastgelegd gepubliceerd voor consultatie. Reageren op dit voorstel kan tot 6 november.

> Lees het advies op de site van het Adviescollege

Eerste Kamer stemt in met Wet bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur

De Eerste Kamer heeft op 11 oktober ingestemd met een wet om de integriteit in het decentraal bestuur te bevorderen en de aanpak van aanhoudende bestuurlijke problemen verder te ondersteunen.

Politieke beschouwingen 2022

Voor de waterschappen bevat deze wet een aantal relevante punten. Zo is de Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) verplicht voor Dagelijks Bestuursleden. Daarnaast zijn de wettelijke bepalingen die gaan over belangenverstrengeling en over geheimhouding van stukken verduidelijkt.

Nevenfuncties

Verder wordt er een voorziening in de Kieswet getroffen voor lijstuitputting bij waterschapsbesturen met minder dan 19 gekozen bestuursleden. Bij lijstuitputting zijn er te weinig kandidaten voor de beschikbare zetels. Tot slot wordt geregeld dat nevenfuncties en inkomsten uit nevenfuncties meteen elektronisch openbaar moeten worden gemaakt.

Deze wet treedt in werking op een nog bij Koninklijk Besluit te bepalen tijdstip.

> Lees meer op website van de Eerste Kamer

Unie reageert opnieuw op wetsvoorstel geborgde zetels

8 maart 2022

De Unie van Waterschappen heeft gereageerd op een verzoek van de Tweede Kamercommissie Infrastructuur en Waterstaat. De commissie vroeg de bij het onderwerp betrokken organisaties te reageren op een aantal stukken van het wetsvoorstel tot wijziging van de waterschapswet en de kieswet.



Deze wetsvoorstellen gaan over het volledig democratiseren van de waterschapsbesturen en het opheffen van de geborgde zetels in die besturen.

Plenaire behandeling

Nadat Kamerleden eind november vorig jaar schriftelijk hadden gereageerd op het wetsvoorstel, was het aan de initiatiefnemers GroenLinks en D66 om te antwoorden op alle vragen. Dit deden zij eind februari. In de meeste gevallen wordt na deze 2 fases een wetsvoorstel aangemeld voor plenaire behandeling.

Reactie betrokken partijen

Maar het CDA stelde onlangs voor om eerst een reactie te vragen aan betrokken organisaties zoals de waterschappen, de agrarische sector, KvK en VNO-NCW op een aantal stukken van het wetsvoorstel. De partij werd hierin gesteund door de VVD.

Onnodig vertragen

De PvdA vond dat geen goed idee, omdat betrokken organisaties al uitvoerig hebben gereageerd. Deze extra fase zou onnodig vertragen. De PvdA werd hierin gesteund door D66, PvdD en GroenLinks. Maar omdat er een meerderheid was vóór het verzoek van het CDA, werd het gehonoreerd.

Reageren tot 10 maart

De betrokken partijen kunnen tot 10 maart reageren op de stukken: de nota van wijziging en de nota naar aanleiding van het verslag van het wetsvoorstel. De Unie van Waterschappen heeft dat inmiddels gedaan.

Tijdige afronding traject

De Unie wijst de commissie IenW op het belang van tijdige afronding van het wetstraject. Die tijdigheid is nodig met het oog op de waterschapsverkiezingen in maart 2023.

> Lees de reactie van de Unie op het verzoek van de commissie IenW