Waterschappen aan de slag met Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen

25 november 2022

Op 24 november heeft de Unie van Waterschappen het nieuwe Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat ondertekend.



Tijdens de ondertekening overhandigde bestuurslid van de Unie van Waterschappen Vincent Lokin het actieplan voor het uitvoeren van dit manifest aan staatssecretaris Vivianne Heijnen.

Duurzaam werken

Waterschappen maken steeds vaker duurzame keuzes. Bijvoorbeeld bij het versterken van dijken, het onderhoud aan het watersysteem en het zuiveren van rioolwater. Bij het ontwerp en de inkoop van dit waterschapswerk is duurzaamheid een belangrijk criterium.

Emissieloos materieel

Vincent Lokin, bestuurder van de Unie van Waterschappen: “Waterschappen dagen de marktpartijen in hun projecten uit om te investeren in duurzame oplossingen en emissieloos materieel. Duurzaam opdrachtgeverschap is de komende jaren het uitgangspunt in alle inkopen en aanbestedingen van de waterschappen. Dat geeft marktpartijen duidelijkheid en financiële zekerheid.”

Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen

Het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI) 2022-2025 is de opvolger van het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Inkopen uit 2016. Het verbindt de Nederlandse overheden in hun aanpak om met hun uitgaven invloed uit te oefenen. De Unie van Waterschappen treedt bij de uitvoering van dit Manifest op als verbinder, activator en facilitator richting de waterschappen. Zoals vastgelegd in het Manifest MVOI, biedt de Strategie Duurzaam Opdrachtgeverschap Waterschappen hier het kader voor.

Strategie Duurzaam Opdrachtgeverschap Waterschappen

In 2021 hebben de waterschappen samen besloten om duurzaam opdrachtgeverschap aan te pakken. Deze aanpak is vastgelegd in de strategie Duurzaam Opdrachtgeverschap Waterschappen. Daarin staat hoe de waterschappen hun duurzame ambities vertalen naar hun opdrachten aan de markt. Hiermee draagt deze strategie bij aan de doelstelling om op termijn klimaatneutraal en circulair te gaan werken.

Waterschappen willen duurzamere polymeren op de rwzi

23 augustus 2022

Ruim 18 procent van de totale CO2-uitstoot van waterschappen wordt veroorzaakt door het gebruik van polymeren bij de rioolwaterzuiveringen. Daarom willen de waterschappen minder polymeren gebruiken bij het proces van afvalwaterzuivering. Of polymeren die minder CO2 uitstoten. Uit onderzoek van STOWA blijkt namelijk dat er duurzame alternatieven beschikbaar zijn.

Boven aanzicht op de waterbakken van een rioolwaterzuiveringsinstallatie

Polymeren zijn chemicaliën die de waterschappen gebruiken bij het indikken en ontwateren van het zuiveringsslib. Zeven waterschappen onderzoeken hoe ze er bij het inkopen van polymeren voor kunnen zorgen dat er polymeren worden gebruikt met lagere of zelfs geen CO2-uitstoot. Ze maken daarbij gebruik van een nieuwe aanbestedingstool: CETenderTool.

CO2-uitstoot in kaart

CETenderTool is een hulpmiddel dat de CO2-uitstoot in kaart brengt en de waterschappen inzicht geeft in de eigen CO2-voetafdruk. Het is de eerste stap naar verduurzaming van polymeren.

Klimaatwinst

De waterschappen gebruiken het inzicht in de CO2-uitstoot vervolgens om in aanbestedingen te kiezen voor polymeren met een lagere voetafdruk. Met CETenderTool kunnen ze in een aanbesteding de klimaatwinst van het ene product ten opzichte van het andere product meewegen.

Meer waterschappen

Naast de zeven waterschappen zijn er ook andere waterschappen die belangstelling hebben, maar nog geen concrete aanbesteding. Zij kijken en denken mee, zodat ze de tool bij een eerstvolgende aanbesteding ook kunnen inzetten.

De CETenderTool is verkrijgbaar via expertisecentrum aanbesteden PIANOo.

Handreiking voor klachtafhandeling bij aanbesteden

30 juni 2022

De Aanbestedingswet 2012 wordt gewijzigd. Een klachtenregeling voor alle aanbestedende diensten wordt verplicht. Ook moet er sprake zijn van een onafhankelijk klachtenloket, speciaal ingericht voor de behandeling van klachten over aanbestedingen.



Aanbestedende diensten zoals waterschappen moeten zich voorbereiden op deze wijziging. Daarom heeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) de Handreiking Klachtafhandeling bij aanbesteden gemaakt.

Laagdrempelige klachtenregeling

Om de rechtsbescherming bij aanbesteding van ondernemers te verbeteren, werkt het ministerie van EZK aan verschillende maatregelen. Eén van deze maatregelen is een verplichte laagdrempelige klachtenregeling voor alle aanbestedende diensten met een onafhankelijk klachtenloket. Dit klachtenloket kan binnen of buiten de organisatie zijn, of in samenwerking met andere organisaties. Het klachtenloket moet in ieder geval speciaal zijn ingericht voor de behandeling van klachten over aanbestedingen. Deze verplichting wordt opgenomen in de Aanbestedingswet 2012.

Handvatten om klachtenregeling op te stellen

De Handreiking Klachtafhandeling biedt praktische handvatten om misverstanden, onbedoelde fouten en ten onrechte gestelde eisen in de aanbesteding tijdig te herstellen. Zo kunnen ondernemer en aanbestedende dienst verder bouwen aan een professionele relatie. De handreiking stimuleert aanbestedende diensten die nog geen klachtenregeling met loket hebben, en helpt ze om hiermee aan de slag te gaan. Ook geeft de handreiking aanbestedende diensten die al wel een klachtenregeling met loket hebben tips om de klachtafhandeling te verbeteren.

Klachtenregeling bij de waterschappen

Veel waterschappen hebben al een regeling voor de afhandeling van aanbestedingsklachten. Destijds (in 2013) hebben een aantal waterschappen samen een klachtenregeling opgesteld en een loket voor dit soort klachten ingesteld. Voor deze waterschappen is het slim om de klachtenregeling te actualiseren op basis van de Handreiking. De waterschappen die nog geen (onafhankelijk) klachtenloket hebben, kunnen dit met behulp van de Handreiking inrichten.

Voorbeelden van klachtenloketten

Op de website van PIANOo worden praktijkvoorbeelden van een onafhankelijk klachtenloket gedeeld. Verschillende aanbestedende diensten vertellen over de manier waarop zij hun klachtenloket hebben ingericht. Waaronder een praktijkvoorbeeld van de hoogheemraadschappen van Rijnland en Delfland. Ook staan hier lessen, tips en uitleg over hoe de onafhankelijkheid wordt geborgd en wat de voordelen zijn van de gekozen structuur: binnen of buiten de organisatie of in samenwerking met andere organisaties.

Bekijk de handreiking

Projectenkalender Waterschapsmarkt 2021 nu inzichtelijk

27 juli 2021

Het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB) heeft in opdracht van de stuurgroep Samenwerking WaterschapsWerken (SWW) de Projectenkalender Waterschapsmarkt 2021 opgesteld. De Projectenkalender draagt bij aan de transparantie op de markt en ondersteunt de dialoog tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers.



Vrijwel alle waterschappen hebben aan EIB gegevens aangeleverd over projecten die de komende jaren worden voorbereid en aanbesteed. Het EIB heeft deze gegevens geanalyseerd en op basis daarvan een rapportage van de belangrijkste resultaten gemaakt. De informatie is verzameld tussen najaar 2020 en voorjaar 2021 en geeft het marktbeeld van maart 2021 weer.

Grote maatschappelijke opgaven

Toine Poppelaars, portefeuillehouder publiek opdrachtgeverschap in het bestuur van de Unie van Waterschappen: “De projectenkalender is belangrijk voor marktpartijen én waterschappen. Daarom ben ik blij dat er nu een vervolg is op de Projectenkalender Waterschapsmarkt 2019. Deze nieuwe projectenkalender is ook nog eens completer en gedetailleerder. Dat is mooi nieuws voor opdrachtgevers en opdrachtnemers in de waterschapssector. Zo kunnen waterschappen en marktpartijen nog beter samenwerken aan de grote maatschappelijke opgaven van deze tijd.”

Inzicht

Marktpartijen krijgen door dit document meerjarig inzicht in de werkvoorraad bij waterschappen. Ze kunnen zich zo goed voorbereiden op de manier waarop de waterschappen deze projecten uitgevoerd willen zien. Door verder vooruit te kijken kan er beter rekening gehouden worden met wensen en eisen op het gebied van bijvoorbeeld klimaatbestendigheid, energieneutraliteit en circulariteit. De waterschappen en marktpartijen krijgen met de Projectenkalender beter zicht op de totale opgave en daarmee ook op de kansen voor het realiseren van duurzame maatschappelijke impact. Nieuw in de Projectenkalender 2021 is dat 10 waterschappen een gedetailleerd overzicht van hun individuele projecten in de komende periode hebben toegevoegd.

De Waterschapsmarkt van de Toekomst

In 2016 hebben de waterschappen en de marktpartijen een gemeenschappelijke visie ontwikkeld op de waterschapsmarkt. Die is vastgelegd in het visiedocument De Waterschapsmarkt van de Toekomst. Het document kent 3 bouwstenen voor de samenwerking:

  • het creëren van maximale maatschappelijke waarde;
  • waarbij de mens centraal staat; en
  • er gestreefd wordt naar een gezonde bouwkolom.

De Projectenkalender draagt bij aan het in de praktijk brengen van het gedachtegoed van de marktvisie.

Wat is de SWW?

Samenwerking WaterschapsWerken (SWW) is de stuurgroep waarin waterschappen en brancheorganisaties van marktpartijen samen streven naar optimale samenwerking.

Bekijk de Projectenkalender

De Projectenkalender vind je op deze pagina. Ook vind je hier de ‘Compacte publieksversie Projectenkalender Waterschapsmarkt 2021’ en het ‘Overzicht op projectniveau van 10 waterschappen’.

Circulaire Economie: waterschappen willen de markt ontmoeten

1 februari 2021

Waterschappen en de markt moeten elkaar beter zien te vinden om samen te werken aan een circulaire economie. Dat is de oproep van Sander Mager, bestuurslid van de Unie van Waterschappen, bij de start van de Week van de Circulaire Economie.



“Er zijn veel kansen voor de markt om samen te werken met de waterschappen binnen de circulaire economie”, zegt Sander Mager. “Alleen vindt de ontmoeting tussen waterschappen en markt niet vanzelf plaats. Partijen vinden elkaar niet automatisch, dus we hebben meer onverwachte ontmoetingen nodig. Wie denkt er bij leveranciers van bouwmaterialen aan de waterschappen? Toch hebben we baggerspecie, bermmaaisel, riet en andere biomassa uit het watersysteem in de aanbieding. En fosfaat, bioplastic, vetzuren, kaumera en cellulose uit rioolwater, hergebruik van zoet water niet te vergeten en nog veel meer.”

Circulaire ambities

De waterschappen merken als geen ander de gevolgen van de huidige lineaire economie. Daarom willen ze bijdragen aan een circulaire economie. Ze hebben de ambitie om 100% circulair te zijn in 2050. Met als eerste stap: 50% minder primaire grondstoffen gebruiken in 2030. Om daar te komen wordt er nu gewerkt aan het opstellen van een strategie Circulaire Waterschappen. Door de ontwikkeling van een gezamenlijke strategie wordt een koers bepaald met concrete kortetermijndoelen.

Ontmoeting

Sander Mager: “We werken aan circulaire waterschappen door vervuiling tegen te gaan, geen (schaarse) grondstoffen te gebruiken die negatieve effecten hebben op het milieu, en door klimaatverandering te helpen voorkomen. Bij al deze activiteiten werken we samen met het bedrijfsleven. We hebben het bedrijfsleven ook nodig als partner voor het verduurzamen en circulair maken van onze organisaties en bedrijfsprocessen.”

“We roepen de markt daarom ook op om dit samen met ons te verkennen”, gaat hij verder. “We hebben wel contact met partijen als MVO Nederland en Aquaminerals. Maar we willen als waterschappen nog meer op zoek naar regionale platforms en hoe die ontmoeting tussen waterschappen en de markt meer en beter tot stand kan komen.”

> Lees het interview met Sander Mager over dit thema in een special bij het FD van afgelopen week

COVID-19 nauwelijks van invloed op doorgang bouwprojecten waterschappen

14 september 2020

De maatregelen rond COVID-19 hebben nauwelijks gevolgen voor de doorgang van waterschapsprojecten in de Grond- Weg- en Waterbouwsector (GWW). Ook halen verschillende waterschappen actief projecten naar voren om zo bedrijven in deze sector door de moeilijke periode heen te helpen. Dat blijkt uit navraag bij de waterschappen door de Unie van Waterschappen.



Aan het begin van de uitbraak van dit virus in Nederland gaven de waterschappen aan zich in te spannen om het werk door te laten gaan, om zo de bedrijven in de Grond-, Weg- en Waterbouwsector (GWW) aan het werk te houden. Waterschappen voelen zich medeverantwoordelijk voor de continuïteit in de GWW-sector die eerder al hard is geraakt door maatregelen rond PFAS en stikstof.

Projecten naar voren halen

“Een half jaar verder blijkt dat het goed gelukt is om het werk te continueren”, zegt Toine Poppelaars, bestuurslid bij de Unie van Waterschappen. “Vrijwel alle projecten gaan door. Op enkele plaatsen is er wel wat vertraging ontstaan door vertraagde levering van producten. Bij een aantal waterschappen is de wens geuit om projecten naar voren te halen en zijn opdrachten versneld op de markt gebracht.”

Versnellingsacties

Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft bijvoorbeeld projecten voor de verbetering van regionale keringen naar voren gehaald. Bij waterschap Scheldestromen zijn 2 projecten versneld op de markt gebracht toen bleek dat een ander project niet door kon gaan. Bij het hoogheemraadschap van Rijnland zijn ook diverse versnellingsacties genomen, onder andere de renovatie van 11 rioolgemalen. Dit zijn maar een paar voorbeelden van maatregelen die een positieve invloed hebben op de continuïteit in de GWW-sector.

Meer investeren

Eind 2019 gaven de waterschappen al aan te verwachten dat er meer geïnvesteerd wordt in de periode 2020-2023. Gemiddeld gaan de waterschappen in de periode 2020-2023 € 1,7 miljard per jaar investeren. Dat is zo’n 200 miljoen euro per jaar meer dan in de periode 2019 – 2022.

Inspelen op ontwikkelingen

Dit heeft te maken met de uitdagingen van de waterschappen om met hun taken in te spelen op een groot aantal ontwikkelingen. Denk bijvoorbeeld aan klimaatverandering, zeespiegelstijging, bodemdaling, verstedelijking, verzilting, aangescherpte milieunormen en de energietransitie. Dit heeft tot gevolg dat de waterschappen de komende jaren fors in hun infrastructuur investeren.

Welkome aanbevelingen voor samenwerking tussen overheden

10 september 2020

Op 10 september verscheen het rapport ‘Als één overheid’ van de Studiegroep Interbestuurlijke en Financiële Verhoudingen. Het rapport geeft adviezen om de samenwerking tussen overheden bij de aanpak van grote vraagstukken te verbeteren.



Rogier van der Sande, voorzitter van de Unie van Waterschappen: “Elk maatschappelijk vraagstuk is uniek, maar er zijn wel rode draden over waar het mis kan gaan en hoe de samenwerking beter kan. Dit rapport biedt goed onderbouwde analyses en bruikbare handvatten voor alle overheden.”

Woningbouwvraagstuk

Het woningbouwvraagstuk is 1 van de 3 thema’s die de Studiegroep Interbestuurlijke en Financiële Verhoudingen onder leiding van Bernard ter Haar onder de loep heeft genomen. Waterschappen ervaren bij woningbouw dat er wel een tandje bij kan als het gaat om toekomstbestendig bouwen. De studiegroep stelt voor iedere regio een woondeal voor.

Uitdaging van formaat

Van der Sande: “Waar en hoe moeten die 90.000 woningen per jaar tot 2030 worden gerealiseerd, inspelend op het veranderende klimaat? Hier ligt een uitdaging van formaat, waar de kennis van het waterbeheer moet worden meegenomen. Waterschappen pakken hier graag hun rol.”

14 aanbevelingen

Een ander thema waarvoor overheden gezamenlijk verantwoordelijk zijn is de energie- en warmtetransitie, een onderdeel van het klimaatakkoord. De studiegroep benoemt voor elk vraagstuk algemene spelregels en rode draden in een model dat overheden helpt bij het vormgeven van een gezamenlijke aanpak. Met 14 aanbevelingen op het gebied van opgavegericht samenwerken, een betere regie en gelijkwaardige samenwerking. Ook biedt de studiegroep een ‘instrumentenkoffer’: een breed palet aan instrumenten op het gebied van regelgeving, financiële arrangementen en kennis.

Gelijkwaardig samenwerken

Interbestuurlijke samenwerking is geen nieuw verschijnsel. Van der Sande: “Het polderen heeft Nederland gemaakt en zit de waterschappen in de genen. We zijn in Nederland behoorlijk goed in interbestuurlijk samenwerken, kijk bijvoorbeeld naar het Deltaprogramma. We zien dat de maatschappelijke opgaven van nu steeds meer met elkaar verweven zijn en om meer afstemming vragen. Dit goed onderbouwde rapport geeft aanbevelingen voor gelijkwaardig samenwerken en is daarbij een belangrijke steun in de rug. Het is mooi dat de studiegroep de uitvoeringskracht centraal stelt. Dat past ons als waterschappen. Laten we hier dan ook samen werk van maken.”

Betere regie

De Unie van Waterschappen wil met andere overheden op landelijk niveau verder kijken hoe de regie op grote opgaven verbeterd kan worden. Goede voorbeelden moeten worden gedeeld.

Rapport ‘Als één overheid’

Meten en monitoren van maatschappelijk verantwoord inkopen bij waterschappen

14 mei 2020

Het RIVM heeft in het kader van maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI) verkend hoe waterschappen het effect van inkoop en aanbesteding kunnen meten en monitoren. De resultaten hiervan zijn 12 mei bekendgemaakt.



7 waterschappen waterschappen deden mee en hebben concreet ervaren hoe ze MVI kunnen meten en monitoren bij aanbestedingen in de productgroepen waterbouwkundige werken, slibtransport en afvalinzameling en -verwerking. Het RIVM heeft deze ervaringen gebruikt om aanbevelingen op te stellen voor de Unie van Waterschappen, waarmee een monitor MVI kan worden ontwikkeld die bruikbaar is voor alle waterschappen.

Meten is nog niet zo eenvoudig

Het uitvoeren van de monitor bleek niet eenvoudig. De waterschappen die meededen aan dit traject hadden de informatie niet altijd beschikbaar en als de informatie wel beschikbaar was, was deze veelal niet eenduidig is. De waterschappen die wel een project hebben kunnen monitoren met hulp van het RIVM hebben gezamenlijk in 4 aanbestedingen 79 ton CO2, 1,3 ton NOx en 0,15 ton fijnstof gereduceerd.

Aanbevelingen

De RIVM heeft korte-, middellange- en langetermijnaanbevelingen opgesteld. Op korte termijn stellen de Unie van Waterschappen en de deelnemende waterschappen voor om zich te richten op waar nu enthousiasme voor is: het doen, doormeten en delen van MVI-icoon-projecten. Dit kan in de vorm van een community of practice. Daarmee wordt op een positieve manier bijgedragen aan het creëren van draagvlak en brede participatie van de waterschappen. Dit draagt vervolgens bij aan de structurele monitoring van MVI (middellange en lange termijn).

Lees meer over de ervaringen

Elias de Valk van het RIVM en Cees Bunschoten van Waternet waren betrokken bij dit traject. Zij vertellen in een artikel in het e-zine over de Klimaatenvelop meer over de voordelen en de uitdagingen die zij hebben ondervonden bij het monitoren van MVI.

Webinar Effectmonitoring MVI

De Unie van Waterschappen verzorgt samen met het RIVM en een van de deelnemende waterschappen een webinar waarin de resultaten van het onderzoek worden gepresenteerd. Ook wordt dan een handreiking gegeven hoe waterschappen (en andere overheden) zelf de effecten van hun MVI-inspanning kunnen monitoren. De webinar is op 23 juni van 15:00 tot 17:00 via een beveiligde Zoomverbinding. Aanmelden kan via duurzaamgww@uvw.nl.

Klimaatenvelop

Dit onderzoek is financieel ondersteund vanuit de Klimaatenvelop: Impuls Klimaatneutraal en Circulair Inkopen. De Rijksoverheid stimuleert hiermee organisaties met een publieke inkooptaak om meer klimaatneutraal en circulair in te kopen.

Bekijk het rapport van het RIVM (opens in a new tab)” rel=”noreferrer noopener” class=”aioseop-link”>> Bekijk het rapport van het RIVM

Resultaten subsidietraject klimaatneutraal en circulair inkopen

7 mei 2020

De waterschappen hebben in 2019 een subsidie ontvangen vanuit de Klimaatenvelop. Hiermee zijn 11 projecten opgezet om ervaring op te doen met klimaatneutraal en circulair inkopen. Het subsidietraject is op 1 april dit jaar afgerond. Wat is er bereikt?



De subsidie vanuit de Klimaatenvelop was afkomstig van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Ook provincies en gemeenten konden hier gebruik van maken.

CO2-kosten in inkoop en aanbesteding

De projecten waren met name gericht op CO2-beprijzing in inkoop en aanbesteding. Door toepassing van een interne CO2-prijs bij inkoop en aanbesteding wordt de markt uitgedaagd om te zoeken naar producten, diensten en oplossingen die de minste klimaatschade veroorzaken. De CO2-kosten worden dan niet in de reële economie in rekening gebracht, maar wegen wel volledig mee in de afwegingen.

Doelen en resultaten

De Unie van Waterschappen heeft met inzet van de subsidiegelden de volgende doelen gesteld en resultaten behaald:

  • Het bepalen van de CO2-voetafdruk van de waterschappen: 4 waterschappen hebben zich gecertificeerd of gaan zich certificeren op de CO2-prestatieladder.
  • Het (door)ontwikkelen en geschikt maken van tools voor CO2-beprijzing in inkoop en aanbesteding: ruim 45 waterschapsmedewerkers kunnen nu werken met het model DuboCalc.
  • Het stimuleren van het duurzaam opdrachtgeverschap bij waterschappen: in 2019 waren er verschillende ontmoetingen met interne opdrachtgevers. Daarmee is een deel van de interne opdrachtgevers bereikt.
  • Het ontwikkelen van gezamenlijke inkoopstrategieën voor waterschappen voor inkooptrajecten met veel impact op CO2: duurzaamheid staat nu meer op de kaart bij het Hoogwaterbeschermingsprogramma. En er is een flinke stap gezet richting CO2-vermindering bij de inzet van polymeren in het zuiveringsproces. Ook willen waterschappen inzetten op de verduurzaming van hun mobiliteit.

De subsidie uit de Klimaatenvelop heeft een flinke impuls gegeven aan de bewustwording van de toegevoegde waarde van CO2-beprijzing bij inkoop en aanbesteding bij waterschappen. Voor de resterende maanden van dit jaar zal de Unie van Waterschappen de activiteiten rond de CO2-prestatieladder, DuboCalc en duurzaam opdrachtgeverschap samen met de waterschappen voortzetten.

Toine Poppelaars, bestuurslid Unie van Waterschappen: “Alle 21 waterschappen zijn in meer of mindere mate betrokken geweest bij de 11 projecten die door de subsidie mogelijk zijn gemaakt. Dit heeft geleid tot een grotere bewustwording van de eigen rol in het reduceren van de CO2-uitstoot bij inkoop en aanbesteding. Deze eerste ervaringen stemmen mij hoopvol.”

Lees meer over de 11 projecten

De resultaten voor de Unie van Waterschappen staan weergegeven in het eindrapport ‘Op weg naar klimaatneutrale en circulaire waterschappen’. Van het eindrapport is een e-zine uitgebracht met daarin interviews met betrokkenen van de 11 projecten beschreven staan.

Bekijk het e-zine

Meer informatie

Voor veel trajecten is daarnaast een apart rapport opgesteld. Deze zijn op te vragen via Henkjan van Meer via hmeer@uvw.nl. Binnenkort verschijnt ook het eindrapport van het Klimaatverbond over het gezamenlijke traject van de 3 koepels (VNG, IPO en Unie van Waterschappen).

Duurzaamheid steeds grotere rol in GWW-projecten waterschappen

30 januari 2020

Steeds meer waterschappen zetten de Aanpak Duurzaam GWW in als standaard werkwijze om duurzaamheid concreet te maken in spoor-, grond-, water- en wegenbouwprojecten (GWW-projecten). Dat blijkt uit een onderzoek onder alle waterschappen.



De Green Deal Duurzaam GWW 2.0 heeft als ambitie om duurzaamheid een integraal onderdeel te laten zijn van alle GWW-projecten in Nederland. De waterschappen zijn medeondertekenaar van deze Green Deal. Daarmee hebben ze zich gecommitteerd aan deze doelstelling. De Green Deal Duurzaam loopt van begin 2017 tot eind 2020.

Praktische aanpak

Om de doelstellingen uit de Green Deal te kunnen behalen is er al enkele jaren de praktische Aanpak Duurzaam GWW. Deze werkwijze maakt duurzaamheid in GWW-projecten concreet zonder vooraf voor te schrijven hoe de duurzaamheidswinst wordt behaald. Dat kan per project verschillen. Er zijn 4 instrumenten die dienen als hulpmiddel: het Ambitieweb, de Omgevingswijzer, de CO2-prestatieladder en DuboCalc.

Veranderopgave

De doelstelling van de Green Deal is dat in 2020 in alle GWW-projecten alle 4 de instrumenten uit de Aanpak Duurzaam GWW worden toegepast in planvorming, aanleg, aanbesteding, beheer en onderhoud. Hier ligt een grote veranderopgave aan ten grondslag.

Monitoring

De afgelopen 2 jaar heeft de Unie van Waterschappen gemonitord in welke mate de waterschappen invulling geven aan deze afspraken. Ook is onderzocht hoe de waterschappen het toepassen van de Aanpak Duurzaam GWW organisatorisch inbedden en welke lessen we hierbij van elkaar kunnen leren.

Aanpak Duurzaam GWW als standaard werkwijze

De belangrijkste conclusie uit het onderzoek is dat meer waterschappen de Aanpak Duurzaam GWW als standaard werkwijze inzetten. Duurzaamheid krijgt daarmee steeds meer een plaats binnen de afwegingen van de waterschappen. Bij bijna de helft van de waterschappen is de pilotfase van het toepassen van de Aanpak Duurzaam GWW voorbij en is opschaling waarneembaar. Bij de andere helft is het beeld verdeeld tussen het niet toepassen van de instrumenten uit de Aanpak Duurzaam GWW of het sporadisch, vermoedelijk als pilot, toepassen van de instrumenten. Bij deze waterschappen zou het wel kunnen dat duurzaamheid op een andere manier structureel wordt meegenomen in de afwegingen. Dat is nu niet onderzocht.

Actieplan

Daarnaast blijkt uit gesprekken die zijn gevoerd over de uitkomsten van dit onderzoek dat medewerkers bij de waterschappen behoefte hebben aan concrete doelen en aan meer sturing vanuit de interne opdrachtgevers binnen de waterschappen. Dit wordt uitgewerkt in een actieplan voor het laatste jaar van de Green Deal.

> de Aanpak Duurzaam GWW